AGAM Motoren Rotterdam B.V.

advertisement
Der Antrieb
kommt von
means power
and propulsion
AGAM Motoren Rotterdam B.V.
la force
motrice
Hoofdvertegenwoordiging van
Daimler-Benz Aktiengesellschaft voor Nederland van Mercedes-Benz Motoren
Hoofdvertegenwoordiging van
Motoren- und Turbinen Union Friedrichshafen GmbH
voor Nederland van MTU Dieselmotoren
Verkoop en showroom:
Goudsesingel 214, 3011 KD Rotterdam, Tel.: 010-137 125, Telex: 22647
Service, werkplaats en magazijn:
Ketelweg 26, 3356 LE Papendrecht, Tel.: 078-151 122, Telex: 22647
M ercedes-Benz
M A N M aybach M ercedes-Benz
W ij vertegenw oordigen in Nederland en België
onderstaande w ereldbekende Noorse en Duitse fabrikaten:
HYDRAULIK BRATTVAAG
lagedruk hydraulische dekw erktuigen en dekkranen van A /S HYDRAULIK
BRATTVAAG, Brattvaag
BI
FR Y D EN B 0
hydraulische draaivleugel stuurm achines van A /S FRYDENB0 MEK. VERKSTED,
Tevens com plete inbouw klare roersecties.
Bergen
HEINZ J. HINZE
flaproeren naar ontwerp van Dipl.-lng. Heinz J. Hinze, Hamburg, door ons in
licentie vervaardigd.
SOUNDFAST
pneum atische afstandpeiling van PEILO TEKNIKK A /S , Longva,
con tinu - en m om entpeiling voor alle soorten tanks van schepen.
ULSTEIN
i( ( ± TLSTEIN
verstelbare schroeven met reductiekast voor verm ogens van 2 0 0 -8 5 0 0 pk.
vaste en verstelbare dwarsscheepse m anoeuvreerschroeven voor verm ogens
tot 1500 pk. van ULSTEIN TRADING Ltd. a /s, Ulsteinvik
EIGEN SERVICE-STATION EN TECHNISCHE DIENST
VRAAGT GEHEEL VRIJBLIJVEND NADERE INFORMATIE
REKAB-GRON INGEN b.v.
HOFSTEDE DE GROOTKADE 38, 9718 KC
GRONINGEN -
TELEFOON
050-120441* TELEX 53042
Rondgat-kotteren tot een diameter van 5 meter
Langsgat-kotteren tot een lengte van 20 meter
Wolfard & Wessels b.v. te Groningen
levert gespecialiseerde bewer­
kingen ter plekke.
Het vlakken en kotteren van
montageflenzen tot 0 5 meter en het
in lijn boren tot 20 meter lang van
lagerbussen voor onder meer
schroefassen, roeren, bruggen etc.
zijn van die specifieke bewerkingen
die Wolfard & Wessels overal kan
uitvoeren.
Wolfard & Wessels
Sterk in gespecialiseerd werk
w m XsT\L7
u u
UW
Wolfard & Wessels bv
duinkerkenstraat 40, 9723 bt groningen
tel. 050-184420, telex 53650
Schip en W erf - Officieel orgaan van
de Nederlandse Vereniging van Technici op
Scheepvaartgebied
de Centrale Bond van Scheepsbouwmeesters in
Nederland CEBOSINE
het Maritiem Research Instituut Nederland
MARIN.
Verschijnt vrijdags om de 14 dagen
Redactie
Ir. J. N. Joustra, P. A. Luikenaar en
Dr. ir. K. J. Saurwalt
Redactie-adres
Heemraadssingel 193, 3023 CB Rotterdam
telefoon 010-762333
Voor advertenties, abonnem enten
en losse num mers
Uitgevers Wyt & Zonen b.v,
Pieter de Hoochweg 111
3024 BG Rotterdam
Postbus 268
3000 AG Rotterdam
tel. 010-762566', aangesloten op telecopier
telex 21403
postgiro 58458
Abonnem enten
Jaarabonnement 1984
buiten Nederland
losse nummers
(alle prijzen incl. BTW)
/
70,40
f 113,60
f
5,00
Bij correspondentie inzake abonnementen
s.v.p. het 8-cijferige abonnementsnummer ver­
melden. (Zie adreswikkel).
Vorm geving en druk
Drukkerij Wyt & Zonen b.v.
Reprorecht
Overname van artikelen is toegeslaan met bronvermelding en na
overleg met de uitgever. Voor het kopiëren van artikelen uit dit
blad is reprorecht verschuldigd aan de uitgever. Voor nadere
inlichtingen wende men zich tot de Stichting Reprorecht. Joop
Eijlstraat 11,1063 EM Amsterdam.
ISSN 0036 - 6099
Patrouilleboot: gebouwd op de wed Le
Comte-Holland b.v, te Vianen. Voorzien
van:2st. M.T.U.8V331 motoren van elk
650 kW (885 pk).
MTU. sinds 1969
joint venture van
MAN. Maybach en
Mercedes-Benz,
produceert kom ­
pakte dieselmoto­
ren van 320 lot
5200 kW (435 tot
7080 pk) volgens
de laatste stand der
techniek, voor
stationaire-,
traktie- en
scheepstoepassing.
alsmede diesel­
elektrische aggre­
gaten voor land- en
scheepsinstallaties;
ook in container
uitvoering
Meer dan 37.200 MTU-motoren zijn wereldwijd ingebruik, waar­
van meer dan 10.500 in de scheepvaart Import: AGAM MOTO­
REN ROTTERDAM B V.
Lips B.V. 50 jaar in scheepsschroeven
Op 14 september 1984 is onder grote be­
langstelling in Drunen met een open dag en
receptie het feit herdacht, dat 50 jaar gele­
den M. Lips de leiding van het bedrijf van
zijn vader overnam. Het werd het begin van
een stormachtige ontwikkeling van de ou­
de schroevengieterij in ’s-Hertogenbosch
tot het hedendaagse, wereldwijd vertakte,
toonaangevende concern op het gebied
van voortstuwingssystemen.
Nadat de gasten de gelegenheid hadden
gekregen het bedrijf te bezichtigen en ken­
nis te nemen van recente ontwikkelingen
en moderniseringen sprak Ir. J. A. Romson,
president-directeur van Lips United B.V.,
hen als volgt toe:
’Wanneer wij terugzien op de geschiedenis
van ons bedrijf van de afgelopen 50 jaar,
dan is die geschiedenis met zijn hoogte- en
dieptepunten nauw verweven met belang­
rijke gebeurtenissen, nationaal en interna­
tionaal. Daarnaast is er natuurlijk de sa­
menhang met de economische ontwikke­
ling, die weer verband houdt met het wereldgoederenvervoer en daarmede de
vraag naar schepen en dus ook de vraag
naar voortstuwingsinstallaties.
In 1934, tijdens het dieptepunt van de crisis
in Nederland, nam de 20-jarige heer Lips
de leiding van de N.V, 's-Hertogenbossche
Schroevengieterij M. Lips over van zijn va­
der, toen het bedrijf eigenlijk in staat van
faillissement verkeerde.
Met het wegebben van de crisis nam gelei­
delijk de activiteit in het bedrijf toe lot een
zodanige omvang, dat het te groot werd
binnen 's-Hertogenbosch en dus naar een
andere vestigingsplaats moest worden uit­
gezien. Dat werd Drunen, op korte afstand
van Den Bosch, zodat het vervoer van per­
soneel geen al te grote problemen met zich
meebracht.
In dit nieuwe bedrijf werd de eerste schroef
gegoten in september 1939, toen Enge­
land aan Duitsland de oorlog verklaarde.
De oorlogsjaren werden besteed aan ver­
beteringen van het produktieproces en er
werd een systeem ingevoerd van vormen,
dat wij ook nu nog in grote lijnen gebruiken.
Aan het einde van de oorlog ontstonden
voor het bedrijf uitstekende kansen, door­
dat de Duitse schroevenproduktie was
weggevallen en men in Engeland - na alle
inspanningen van de oorlogsjaren - maar
moeizaam aan de vredestijd kon wennen.
Mede in eerste instantie gesteund door de
Marshall hulp, maakte de heer Lips goed
gebruik van de hem geboden mogelijkhe­
den en daarmee begon de groei van onze
onderneming.
Gegeven de contacten met het buitenland
en de groeiende export werd de vrij moeilij­
ke naam ’s-Hertogenbossche Schroeven­
gieterij vervangen door Lips N.V.
In 1949 kwam de nieuwe gieterij gereed,
waarmee wij onze capaciteit verder ver­
grootten, doch helaas bleven de verwachte
orders enige tijd uit, doordat de groei in de
economie op dat moment ook enigszins
stagneerde.
Het uitbreken van het Koreaanse conflict
bracht een ander probleem met zich mee:
de Amerikaanse regering legde namelijk
beperkingen op voor de export van strate­
gische grondstoffen, waaronder koper. Wij
werden daardoor gedwongen naar andere
leveranciers om te zien en aan te kopen
tegen inmiddels aanzienlijk hogere prijzen,
dan voor de eerder geboekte orders was
voorzien.
Gelukkig kon een dreigend debêcle wor­
den voorkomen, doordat met het uitbreken
van de Koreaanse oorlog de vraag naar
scheepsruimte sterk toenam en dus ook de
vraag naar schroeven. Wij konden de ge­
stegen grondstofprijzen praktisch overal
doorberekenen aan de afnemers en de
gieterijcapaciteit vulde zich snel.
Om ons in de toekomst veilig te stellen
tegen dergelijke ontwikkelingen, begon het
fnhoud van dit nummer:
Lips B.V. 50 jaar in
scheepsschroeven.............. . 347
Uit de begroting 1985 van
Verkeer en Waterstaat ....... . 349
Cargo Handling in Ports
and at S e a ........................... . 351
Lloyd’s Register’s approach
to ship sa fe ty....................... . 356
Nieuwsberichten ..................
360
bedrijf zich toe te leggen op recycling van
koperschrot en dit door raffinage geschikt
te maken als materiaal voor schroeven.
Uit deze nieuwe activiteit groeide een koperbedrijf, later gevolgd door een aluminiumbedrijf.
De groei van onze onderneming riep regel­
matig spanningen op omdat de organisatie
en personeelsbezetting nauwelijks vol­
doende waren om de doelstellingen te rea­
liseren. In het vooruitzicht van de grote
plannen in het begin van de 60'er jaren,
hebben wij daarop geanticipeerd door
meer personeel aan te nemen.
Met de daarmee gepaard gaande hogere
kosten en de vertraging van de industriële
groei in 1962-63 in Nederland, waren wij
voor het eerst in ons bestaan genoodzaakt
een personeelsvermindering door te
voeren.
Door de besparingen die daar het gevolg
van waren en door het wederom aantrek­
ken van de economie, groeide ons bedrijf
daarna zeer sterk. Niet alleen in Drunen,
maar ook in andere landen waar wij schroevengieterijen vestigden, zoals in Frankrijk,
Italië, Spanje en later ook Japan en Bra­
zilië.
Wij beperkten ons niet langer tot vaste
schroeven doch de reeds in de 50’er jaren
begonnen ontwikkeling van verstelbare
schroeven leidde tot een sterke vergroting
van onze afzet. In diezelfde periode gingen
ook scheepsassen, lagers en schroefas­
afdichtingen deel uitmaken van ons leve­
ringspakket, terwijl ook de boegschroeven
en azumuthale thrusters aan onze produktenrange werden toegevoegd.
Het koper- en het aluminiumbedrijf vroe­
gen voor een verdere uitgroei grote inves­
teringen en deze last werd te zwaar voor
het familiebedrijf. Besloten werd tot verzelf­
standiging van het aluminiumbedrijf. Al­
coa, een groot Amerikaans aluminiumbe­
drijf, en Elkem, een Noorse onderneming,
namen in het aandelenkapitaal hiervan
deel. Wat het koperbedrijf betreft, hier kon­
den nu uit eigen middelen belangrijke ver­
nieuwingen plaatsvinden, met als belang­
rijkste de installatie van de ASEA-hydrostatische extrusiepers.
Hetjaar 1974 was voor Lips, zoals voor vele
bedrijven, een zeer bewogen jaar. Het alu­
miniumbedrijf werd geheel zelfstandig, los
van Lips, en is inmiddels verder uitgegroeid
tot een belangrijke producent van wals- en
extrusieprodukten.
Bij het schroevenbedrijf viel de orderingang bij de werven over de gehele wereld
terug van 73,6 miljoen BRT in 1973 tot 28,4
miljoen BRT in 1974 en zo verder dalend tot
8 miljoen BRT in 1978. Deze getallen ge­
ven duidelijk aan hoe sterk de energiecrisis
effect had op de economische groei en met
name op de scheepsbouw. Gelukkig had­
den wij, evenals de meeste wen/en, een
goed gevulde orderportefeuille, doch bij­
stelling van capaciteit was dringend nodig,
te meer daar bestelde schepen geannu-
Schroef met verstelbaar blad
leerd werden en dus ook bestellingen van
schroeven die wij in portefeuille hadden.
Wanneer wij bij deze ontwikkeling dan nog
bedenken dat het Japanse marktaandeel
in de scheepsbouw steeds verder groeide,
ten koste van de Europese scheepsbouw,
dan is het duidelijk hoe groot de ramp was
die de scheepsbouw - en dus ook de
schroevenbedrijven - in Europa trof. Niet
overat leidde deze teruggang tot capaci­
teitsvermindering bij werven. Diverse lan­
den probeerden tevergeefs hun capaciteit
op peil te houden, maar ook zij konden - zij
het dan later - niet aan een afbouw ont­
komen.
Voor ons was het boekjaar 1978 een triest
dieptepunt in ons bestaan en het duurde
enige tijd voor wij weer uit dat dal omhoog
konden komen.
In de laatste jaren hebben wij onze verkoopactiviteiten verder uitgebreid, onze
bedrijven vernieuwd en gelukkig hebben
wij onze research en development op een
hoog niveau kunnen doorzetten, zodat wij ondanks alle tegenslagen - een leidende
rol in de scheepsvoortstuwing, die wij zo
zorgvuldig hadden opgebouwd, kunnen
blijven vervullen.
Alhoewel er nog steeds een overaanbod is
van scheepsruimte en overheidsingrijpen
in de scheepsbouw via subsidies in diverse
landen blijft bestaan, is voor ons als schroevenfabrikant een nieuw evenwicht bereikt.
Wij hebben onze organisatie en onze per­
soneelsbezetting aan de huidige markt
aangepast. Vanuit deze positie bouwen wij
verder aan onze toekomst.
• Ons produkt is niet langer een scheeps­
schroef; het is een systeem van voortstu­
wing van drijvende objecten geworden;
• onze leveranties omvatten niet langer
een kunstig gegoten en bewerkt gietstuk;
tot onze ieveringen behoren thans ook hy­
draulische systemen, elektrische bedie­
ningen, de daarbij behorende computers
en de passende software.
Met het zich verplaatsen van de scheeps­
bouw van Europa naar Japan, nu Korea en
morgen China, verplaatst zich ook onze
verkoopactiviteit. Ongeveer 80% van alle
produkten uit het schroevenbedrijf vindt
zijn weg over de grenzen, waarvan weer
een groot deel buiten Europa. Om deze
leidende plaats in de voortstuwing van
schepen te blijven vervullen, gaan wij met
kracht door met de ontwikkeling van nieu­
we, nog betere produkten, met lage kost­
prijzen door moderne bewerkingsapparatuur, om de concurrentiestrijd met succes
te kunnen voortzetten.
Ik wil in dit verband wijzen op het feit dat wij
reeds enkele jaren gebruik maken van ro­
bots voor het slijpen van schroeven en
schroefbladen, op ons geavanceerd CAD/
CAM-systeem ten behoeve van nog betere
ontwerpen en produkten, op de onlangs in
gebruik genomen CNC-centrums, voor het
met nog grotere precisie bewerken van
onderdelen van produkten, op het steeds
beter gebruik maken van computer-technieken, op het uitbouwen van deze hal,
waarin wij ons nu bevinden en waarmee wij
een zeer moderne en efficiënte gieterij ge­
creëerd hebben en last but not least op
onze efficiënte organisatie met bezielde
médevyerkers. U hebt dit allemaal tijdens
uw rondgang door het bedrijf kunnen zien.
Wij zijn voornemens deze trend door te
zetten, al zal verdere modernisering ook
andere eisen gaan stellen aan onze mede­
werkers. Eisen die door verdere opleidin­
gen kunnen worden bijgehouden.
Eenzelfde aanpassingsproces aan de
markt heeft ook bij onze dochterbedrijven
plaatsgevonden. Voor de verkoop van de
hoogwaardige delen van de verstelbare
schroeven zijn de leveranties van Drunen
aan de dochterbedrijven onontbeerlijk, ter-
Het afwerken van een kleine scheeps­
schroef
Wilt u de efficiency aan
boord van uw schepen vergroten?
Profiteer dan van de nieuwste
ontwikkelingen op het gebied van
bediening en registratie apparatuur.
Om werkdruk te verminderen en
bedieningspersoneel van herhaalde
routinetaken te ontlasten.
IHC Holland fabriceert een
serie moderne instrumenten en kan
complete geavanceerde
electrische systemen
1
1 1
ontwerpen en installe­
1
ren. Uw vierde dimensie
te water. Gemakkelijk
3 11
bij nieuwe of bestaande
1
schepen aan te brengen.
f
ba
■
ba
.
ba
.
Tla ,
ti.
TJa
^
rn
;
.
Maar er is meer. Alles wat u
wenst op het terrein van energie­
opwekking, -verdeling en -besturing
kan IHC voor u maken. Geef IHC
Holland het ontwerp en wij realiseren
het. Inclusief uitgebreide service en
garantie.
Meer weten over onze
produkten en diensten? Of wilt u ons
tijdschrift ’’Ports and Dredging”
ontvangen? Schrijft of
belt u dan even met
IHC/TBM Controls B.V.,
Postbus 41,3360 AA
Sliedrecht, Holland.
Telefoon (01840) 12155.
Telex 23752.
IHC HOLLAND WE VINDEN ALTIJD 'N OPLOSSING.
A
D
T I
CO O PER
■f jE f T
j- , - . _
iC lu D
Industriepark 27b, P.O.Box 89
2420 AB Nieuwkoop. The Netherlands
Phone: (01725) 9217, Tetex: 844-39530 Mdecknl
IN D U STR IES
ELECTRONIC CRANE LOAD MOMENT INDICATORS
Now the mobile or pedestal crane operator can get all the
information needed for most efficient crane operation Martin-Decker's CLM System uses rugged, reliable, boommounted sensors and accurate, advanced electronics to
acquire, compute and display hook load, percent of rated
load, boom angle and hook radius, A continuously operating
micro-computer calculates these many factors and quickly
shows them to the operator with no guesswork Analog
and/or fast-reading digital meters combine with warning
lights and audible alarms to call attention when approaching
crane s rated load.
• Analog and fast-reading digital meters, plus a series of
warning lights and audible alarms, call attention when
crane s rated load is approached and exceeded.
• Solid-state pow er supply can run o ff a variety o f voltages
— 11-13V DC
6A; 22-26V (a) 3A; B5-130V AC. 50/60
Hz (a) 1A; 170-270V AC, 50/60 Hz # 1A.
• Simple to operate. Operator selects appropriate program
with a thumbwheel switch. System automatically ac­
quires, computes and displays data. Operator s hands
never leave crane controls to use system or adjust it.
• Standard unit measures up to 999,000 lbs. Scaling in tons
o r metric weights also available.
MOORING AND POSITIONING INSTRUMENTATION
■Eh»
DYNA-LINE TENSIOMETER, SERIES UD
• Measures and monitors tension in moving or static wirelines.
• Ideal for monitoring anchor tension in mooring and positioning applications.
• Easily attachable to a wireline or built into wireline machinery.
• Applicable for all offshore construction projects to monitor tension on lifting cables and/or
piling strength.
• Can be used in various tug related functions, i.e.. engine thrust tests, structural wharf tests,
towing cable tension and ship docking lines.
• Can be equipped with recorder to provide permanent records.
S U G -o n A n e b /te c h n ik
with optimum power capacities and reliability
Exporter :
S
TechnoCommefz
Volkseigener Außenhandelsbetrieb
DDR-1086 Berlin
Johannes-Dieckmarm-Str. 11/13
Teleton ■2240. Telex. 011-4977-8
A 2
In all cases where reliability is required more than 3000 ASUG-naval propulsion
gears have stood the test in cargo ships, railway ferries, car ferries, harbour tugs,
fishing and factory vessels, icebreakers, and inland vessels.
The cranes of more than 100 transatlantic ports have bean eauiDDed with efficient
-driving systems.
Our programme for shipbuilding :
Our programme for port installations r
• Double action reduction gears
• General purpose gearings for conveying
• Planetary gearings
plants and hoisting units
• Spur gearings in horizontal
• Special purpose gearings for hoisting,
and vertical arrangement
luffing. slewing and travelling gears
• Reversing gears
• Rope barrel gearings
• Gearings for deck machinery
wijl anderzijds fabricage in die landen
noodzakelijk blijft, omdat scheepsbouw
nog steeds door de overheid wordt ge­
steund en daarbij de eis wordt gesteld om
zoveel mogelijk produkten uit eigen land te
gebruiken.
Onze marketing-strategie is geheel geba­
seerd op het feit dat alle activiteiten bin­
nen onze onderneming, zoals verkoop,
engineering en produktie op elkaar zijn af­
gestemd en zijn gericht op de eisen van de
markt.
In 50 jaar is uit het kleine fabriekje voor
schroeven voor binnenvaartschepen een
bedrijf gegroeid, dat een leidende plaats
heeft in de wereld, met vestigingen in vele
landen, dat geleerd heeft hoe tegenslagen
op te vangen, maar ook hoe nieuwe moge­
lijkheden te benutten.
Ook het koperbedrijf, dat aanvankelijk met
grote problemen heeft geworsteld, waar­
onder de aanloopproblemen van de sterk
geavanceerde hydrostatische pers, begint
nu resultaten te zien van haar grote inspan­
ningen. Dachten wij vier jaargeleden nog in
de richting het bedrijf te moeten sluiten, nü
is het een goed lopende onderneming, met
een bedrijfsvoering die geheel los staat van
het Schroevenbedrijf en die met haar unie­
ke hydrostatische pers goede mogelijkhe­
den biedt voor de toekomst.
Ook het halffabrikatenbedrijf staat niet stil,
wat de ontwikkeling betreft. Wij zijn van
mening dat het extrusiesysteem dat door
ons gehanteerd wordt zich bij uitstek leent
voor de vervaardiging van zeer hoogwaar­
dige produkten, waaronder supergelei­
ders. In samenwerking met anderen, waar­
onder ECN in Petten, wordt hard gewerkt
om ook die plannen tot realisatie te
brengen.
Dat al deze activiteiten geleid hebben tot de
gezonde onderneming die u vandaag ziet,
danken wij
• aan onze opdrachtgevers, met wie wij ondanks alle problemen in de markt - zo’n
goede relatie hebben opgebouwd, respec­
tievelijk hebben weten te behouden;
• aan onze leveranciers, voor de wijze
waarop zij hebben ingespeeld op de zich
vaak sterk wijzigende behoeften van onze
onderneming;
• aan onze bankiers, met name aan de
Nationale Investeringsbank, die-ondanks
de slechte tijd die wij achter ons hebben het vertrouwen in Ups niet hebben verloren
en die ons in deze moeilijke tijd hebben
gesteu nd. Wij van onze kant hebben - denk
ik - getoond die steun ten volle waard te
zijn;
• aan de ontwikkelingskredieten, die wij
van het Ministerie van Economische Zaken
mochten ontvangen, waardoor wij onze re­
search ook in de slechtere tijden hebben
kunnen continueren en het is mede daar­
door dat wij zo’n belangrijke plaats in de
wereld innemen op het gebied van voort­
stuwing;
Vaste schroef met een middellijn van 10.5
meter
• aan de vakbonden, die het afslankingsproces in de afgelopen jaren kritisch bege­
leid hebben, maar gelukkig ook zeer veel
begrip hebben getoond voor de moeilijke
situatie, waarin ons bedrijf zich bevond . Wij
vertrouwen erop, dat er geen verdere en
altijd zeer pijnlijke collectieve ontslagen
meer nodig zullen zijn;
• aan onze eigen commissarissen, voor
de steun in het wel zeer bewogen bestaan
van Lips: hun kritische begeleiding is voor
de directie van groot nut geweest;
• aan alle medewerkers voor hun toewij­
ding en inzet, daarin voorgegaan door onze
ondernemingsraden'.
Ten slotte wordt de geschiedenis van het
bedrijf gekarakteriseerd door de volgende
(belangrijkste) ontwikkelingsdata tussen
1934 en 1984:
1934 - M. Ups neemt de ’s-Hertogenbossche Schroevengieterij van zijn vader over
1939 - Overgeplaatst van 's-Hertogenbosch naar Drunen. Begonnen in een hal
van ± 800 m2
1943 - Hal voor fabricage kleine schroe­
ven ± 1500 m2
1949 - Bouw hal grote schroeven ± 2000
m2
1951 - Uitbreiding hal grote schroeven tot
± 4000 m2
1952 - Bouw Walserij-hal ± 2000 m2
1954 - Uitbreiding hal voor kleine schroe­
ven tot 2000 m2
1956-B ouw hal voor non-ferro-raffinage
± 5000 m2
1957 - Bouw ijzerraffinage, nu montage­
hallen Verstelbare Schroeven, ± 3000 m2
1958/1959 - Bouw koperbedrijf ± 22.000
m2
1962 - Bouw machinefabriek Verstelbare
Schroeven ± 2500 m2
1977 - Bouw hal voor Superschroeven tot
100 ton, ± 4000 m2
1982 - Vergroting hal Superschroeven ±
2500 m2
Uit de begroting 1985 van Verkeer en Waterstaat
Zeescheepvaart
De Nederlandse scheepvaart zal bij een
doorzettend herstel dit jaar weer een licht
positief resultaat boeken. Hiermee lijken de
grootste zorgen achter de rug.
Terwijl de omvang van de vloten van de
meeste Europese scheepvaartlanden dui­
delijk is afgenomen, is de vloot onder Ne­
derlandse vlag de laatste twee jaar licht
gegroeid. De vloot voorde Grote Handels­
vaart is in omvang gelijk gebleven maar wel
verder gemoderniseerd. In de kleine han­
delsvaart, de zeesleepvaart en berging en
de offshore is de vloot in 1983 in aantal
schepen met 5% en in tonnage met onge­
veer 15% gegroeid. Ook hier is van verder­
gaande modernisering en specialisatie
sprake.
Met toepassing van de premieregeling
voor de zeescheepvaart zal over de perio­
de 1 januari 1984 - 1 januari 1985 naar
verwachting een volume aan investeringen
van 1,6 miljard gulden worden gehaald.
De prognose zou hiermee worden gereali­
seerd.
Protectionisme
De regering is bezorgd over protectionisti­
sche tendensen in de offshore en supplyvaart. Een aantal lidstaten van de Organi­
satie voor Economische Samenwerking en
Ontwikkeling (OESO) blijft, ondanks het
ontbreken van officiële vlagbeperkende
wetgeving, in de praktijk toch het opereren
van het Nederlandse bedrijfsleven ernstig
bemoeilijken. Voorbeelden zijn Engeland
en Noorwegen. In bilaterale contacten op
ministerieel niveau wordt steeds bij deze
landen aangedrongen op het voeren van
een beleid dat ook feitelijk overeenkomt
met de uitgangspunten van de OESO-liberalisatiecode.
Sub-standaard schepen
Met het Memorandum van Overeenstem­
ming inzake Havenstaatcontrole dat sinds
1 juli 1982 in werking is tussen veertien
Westeuropese landen, is goede vooruit­
gang geboekt.
Het aantal inspecties dat in de regio wordt
uitgevoerd, stijgt nog steeds. Op 1 juli 1985
moeten alle veertien landen 25% van alle
individuele schepen die hun havens bin­
nenlopen inspecteren. In de laatste twaalf
maanden werden in totaal 9600 inspecties
uitgevoerd, tien percent meer dan het jaar
daarvoor. De ministers van de veertien lan­
den die het Memorandum hebben onderte­
kend zullen worden uitgenodigd voor een
volgende conferentie in Nederland in het
vierde kwartaal van 1985. Op die conferen­
tie kan naast een evaluatie van de tot dus­
verre behaalde resultaten worden bezien
welke politieke besluiten moeten worden
genomen om de veiligheid van de zee­
scheepvaart verder te bevorderen en om
tevens een bijdrage te leveren aan een
schoon maritiem milieu.
Binnenkort zal het Reglement vervoer ge­
vaarlijke stoffen met zeeschepen in wer­
king treden. Hierdoor zal de sinds 1980
bestaande regelgeving tevens van toepas­
sing worden op het vervoer van gas in bulk
naar Belgische bestemmingen via de Westerschelde en het Kanaal van Gent naar
Terneuzen. Algemene voorwaarden zullen
dan het systeem met vergunningverlening
hebben vervangen.
Mariene Milieu
Het internationaal verdrag ter voorkoming
van verontreiniging door schepen (MAR­
POL) is voor wat betreft olie op 2 oktober
1983 in werking getreden.
Voorzieningen voor het in ontvangst ne­
men van olie in de havens moeten vanaf 2
oktober 1984 aanwezig zijn. Voor chemica­
liën treden de verdragsbepalingen drie jaar
na 2 oktober 1983 in werking, tenzij twee­
derde van de partijen bij het verdrag tot
verder uitstel besluit. Of de streefdatum
van 2 oktober 1986 zal worden gehaald is
nog onzeker.
Walradar
Voor de walradar Rotterdamse Waterweg
zijn bijna alle nieuwbouwwerken in 1983
opgeleverd. Inmiddels is een aanvang ge­
maakt met het aanbrengen van de geavan­
ceerde technische installaties. Het nieuwe
systeem zal naar verwachting medio 1986
operationeel zijn.
Voor de uitbreiding van de walradar Westerschelde wordt door Nederland en België
gewerkt aan het opstellen van de operationeleeisen. In 1985 hoopt men met de bouw
aan te vangen. Eind 1986 zal in Vlissingen
een radarcentrale in gebruik worden geno­
men en de gehele uitbreiding zal medio
1988 zijn voltooid.
Scheepvaartverkeer
In fases zal uitvoering worden gegeven aan
het treffen van voorzieningen om schepen
met gevaarlijke stoffen te laten afmeren.
Gedacht wordt aan steigers en wachtplaatsen bij sluizen. Hierbij heeft men eveneens
de aanleg op het oog van eenvoudige overnachtings- en uitwijkhavens langs de door­
gaande vaarwegen.
In de jaren 1986 en 1987 zullen de twee
vaste brugdelen van de spoorbrug over de
Oude Maas bij Dordrecht beweegbaar wor­
den gemaakt. Daarmee wordt een grotere
capaciteit voor de scheepvaart verkregen.
Dat is nodig omdat bij veel scheepsaanbod
of als grote schepen moeten passeren, de
bedieningstijden nu regelmatig worden
overschreden. Dat levert nadelen op voor
de scheepvaart, die vaak te lang moet
wachten, maar ook voor het treinverkeer,
waarvoor bij te lange openingstijden van de
huidige hefbrug de dienstregeling in het
gedrang komt.
NOORDZEEAANGELEGENHEDEN
De bedoeling is nog dit jaar een scheepvaartverkeerswet bij het parlement in te
dienen.
Deze wet zal een kader geven voor het
treffen van maatregelen ter bevordering
van een vlot en veilig verloop van het
scheepvaartverkeer in de aanloopgebieden van Nederlandse havens. Ook zal op
korte termijn aan de Tweede Kamer wor­
den voorgelegd een wetsontwerp tot wijzi­
ging van de Loodswet 1957.
Hierin zal onder meer een wettelijk kader
worden gegeven voor vanuit Nederland en
door Nederlanders verzorgde Noordzeeloodsdienst. Nederland is geen voorstan­
der van een verdergaande regulering van
de Noordzeeloodsdienst.
Eind 1984 zal in de Duitse Bondsrepubliek
een internationale ministersconferentie
worden gehouden over het Noordzeemilieu. Op deze conferentie zal de regering
zich ervoor inzetten dat een politieke im­
puls wordt gegeven aan het werk dat reeds
in het kader van regionale en mondiale
verdragen wordt verricht ter voorkoming
van de verontreiniging van de Noordzee.
Ollebestrijding
Uitbreiding van oliebestrijdingscapaciteit
wordt in de eerste plaats buiten de overheid
gezocht.
Hierbij wordt vooral gedacht aan een ver­
dere uitbreiding van combinatiemogelijk­
heden van materieel dat naast dagelijkse
taken ook kan worden ingezet voor oliebestrijding. Het bedrijfsleven is opgeroepen
ideeën aan te dragen. De mechanische
bestrijdingsmethode blijft voorop staan.
Binnenscheepvaart
Op dit moment zijn er bijna geen middelen
om het vaarwegennet aan de ontwikkelin­
gen in het vervoer aan te passen. Zelfs
noodzakelijke investeringen voor vervan­
ging van projecten die daaraan toe zijn, zijn
al in het gedrang gekomen. De aanpassin­
gen van de vaarwegen zijn nodig voor de
nationale en internationale binnenvaart.
Uit een prognosestudie blijkt, dat het bin­
nenlandse goederenvervoer te water zich
op het niveau van 1982 kan handhaven. De
internationale binnenvaart, wat betreft ton­
nage anderhalf keer zo groot als de binnen­
landse binnenvaart, groeit daarentegen
naar verwachting tot het jaar 2000 met ruim
12 procent. Het Nederlands aandeel in de
internationale binnenvaart is ruim 50
procent.
Bij de doorvoer is de binnenvaart een on­
misbare schakel. Het niet aanpassen van
de verbindingen met het achterland aan de
eisen van de tijd kan een ernstige aantas­
ting van de positie van de binnenvaart tot
gevolg hebben. Het beleid is erop gericht
de investeringen in de sector scheepvaart­
wegen en havens de komende jaren op een
hoger niveau te brengen. Daarmee zal
naar verwachting op langere termijn de nu
ontstane achterstand worden ingelopen.
Voor het binnenlands vervoer te water is
een herziening van de Wet Goederenver­
voer Binnenscheepvaart in voorbereiding.
Het streven blijft de werking van de binnen­
landse vervoersmarkt te verbeteren door
toepassing van moderne communicatie­
technieken. De dienstverlening aan het be­
drijfsleven is uitgebreid door het plaatsen
van computers op de schippersbeurzen,
waardoor men snel en volledig kan worden
geïnformeerd over de hoogte van de
vrachtsom.
BOEKBESPREKING
Vracht- en Vissersschepen van Eeltjesbaas en Aukebaas
door U. E. E. Vroom.
Uitgave. De Boer Maritiem Unieboek B.V.,
Postbus 185, 1380 AD Weesp.
Prijs: ƒ 19,90.
In de literatuur overde Nederlandse vracht­
en vissersschepen wordt in het algemeen
weinig aandacht besteed aan de scheeps­
bouw. De aandacht is meestal gericht op de
ontwerpen en de karakteristieke kenmer­
ken van de schepen. Vroom heeft echter
aan de hand van een aantal werfboeken
gegevens verzameld die betrekking heb­
ben op bouwtijden, materialen, opdracht­
gevers etc. Hij behandelt een aantal vracht­
schepen, zoals pramen, snikken, bokken
en hektjalken; en vissersschepen zoals
aken, sloepen en punters. De informatie uit
de werfboeken, maakt het boekje, dat ver­
lucht is met oude’ foto's, tekeningen en
lijnenplannen zeer lezenswaardig voor
leek en kenner. In de bijlage wordt een
inventaris gegeven van tekeningen van
schepen die door A. van der Zee te Joure
zijn gebouwd met de namen van de op­
drachtgevers. Het boekje wordt gecomple­
teerd met een verantwoording, beschrij­
ving van de afbeeldingen en een literatuur­
lijst.
Prof. ir. S. Hengst
Boogaerdt zet z’n tanden in het houtverspillingsprobleem.
Houtverspilling begint nog maar al te vaak bij de bestelling. Wat
men dan koopt - en betaalt! - inclusief onnodig overschot. Hoog'
stens nog goed voor de open haard. Tenzij men koopt bij Houthan­
del Boogaerdt. In de eigen zagerij wordt het hout op de door u ge­
wenste maat gebracht U heeft dus een minimum aan kosten. In veel
gevallen is het hout trouwens al op de juiste maat in voorraad. Want
Boogaerdt is ook nog een keer de houthandel met de meest uitge­
breide maatvoering. Boogaerdt heeft eveneens een ongeëvenaard
programma. Zelfs weinig gangbare houtsoorten zijn direkt uit voor­
raad leverbaar. Dan is er nog de kwaliteit Alleen het goede wordt
ingekocht en het wordt ook in de juiste staat verkocht Want juist
omdat er zo’n grote voorraad is, wordt de grootst mogelijke zorg
besteed aan de opslag. Droog hout in moderne, gesloten loodsen.
Hout dat nat moet blijven, drijft bij Boogaerdt letterlijk in het water.
W ilt u als houtverwerker geen geld in ’t water of in ’t vuur gooien?
Wend u tot Boogaerdt!
B o o g aerd t levert o n d er m eer: O reg o n Pine. H cm lo ck, Pttch Pine. R ed w o o d . A zoh é. A f zei ia. A b a clu . Iroko. Sip o M ahonie.
Zw eed s V uren .M .E . V u ren , iepen. Fran s Eiken. Essen. M ou lm ain T eak . Ja v a Teak. Yang. K eru in g. D ark R ed M eranti. M erbau.
M u ltip lex. G e lijm d e spanten. G e p ro fileerd e kozijnen en Sp on ningschroten.
H o u th a n d e l B o o g a e rd t B .V , Im p o rt Zagerij Sch averij. D o rp sstra a t 88, 29 51 A G K rim p en aan d e L e k .T el. 01807 -1 4 9 4 4 . T e le x 27198 b ooga nl.
DE PIJPEN ZIJN ALVAN TE VOREN
GEGALVANISEERD OF GEZUURD.
En natuurlijk gecontroleerd.
Kijk, dat is nu het grote voordeel van specialisatie. Seton legt zich enkel
' en alleen toe op het vervaardigen van pijpleidingen. Daartoe is de fabriek
■ uitgerust met de meest moderne machines. Bediend door ervaren en ge­
schoold personeel.
Het resultaat is dat de pijpen van Seton al volledig afgelast naar het werk
gaan. En daardoor kunnen we ze ook meteen de juiste oppervlaktebehan­
deling meegeven. Dat scheelt een hoop heen-en-weer gesjouw. Dat scheelt
een hoop gedoe. Dus tijd, en - niet onbelangrijk voor u - flink in de kosten.
Seton kan dat doen, omdat we beschikken over medewerkers met zeer
i grote know-how. Om de pijpen tot op een fraktie nauwkeurig te meten.
■ Om ze met diezelfde nauwgezetheid
te maken.
Eigenlijk is dan die na-fabrikagecontrole - hoe klein de pijp o o k overbodig. Toch doen we het.
SETON
PIJPLEIDINGEN
Want wat waard is gedaan te worden,
is waard goed gedaan te worden.
Informatie en offertes:
Ketelweg 30,3356 LE Papendrecht.
Telefoon (078) 152011.
Reikon b.v. heeft o.a. een brede
ervaring in de verkoop en het
onderhoud van dieselmotoren,
luchtcompressoreri, keerkoppelingen, geluidsdempers,
vonkenvangers en reductlekasten
voor de scheepvaad en industrie
Reikon b.v. heeft voor
N ederland de
alle e n ve rtegenw oordiging van:
ABC DIESELMOTOREN
- verkoop
- inbouw
- service
- onderdelen direct uit
voorraad Spijkenisse leverbaar,
ERVOR LUCHT­
COMPRESSOREN
TEVENS VERKOOP EN
SERVICE VAN:
REINTJES KEERKOPPELINGEN
EN REDUCTIEKASTEN
REINTJES
- uitgebreide voorraad
onderdelen, ook van de
verouderde typen.
- verkoop van complete sets
- onderdelen uit voorraad
t^tM D C €© [© fe w
GARRITT UITLAATGASSEN­
DEMPERS EN
VONKENVANGERS
Elementenweg 8, Postbus 242
3200 AE Spijkenisse
Tel.: 01880-14187, Telex 24371
F
ir if o i?
LUCHTCOMPRESSOREN
Cargo Handling in Ports and at Sea*
by Prof. Ir. G. C. Meeuse**
Transportare necesse est.
Transport
In ancient days the role of sea-transport could be so determining
that the achievement of the goals predominated all other values
involved, human lives included. From that stage stems the so often
quoted proverb ’Navigare necesse est, vivere non est necesse'
which is said to be first phrased by Pompejus, when he inspired, or
better ordered, his ship’s crews, to set sails instead of taking
shelter, when under unfavourable weather conditions corn had to
be carried from Cicilea to Rome. Indeed there are still today
circumstances under which analogous decisions must be taken.
But besides situations encountered in war and in love those
occasions are rather seldom because we generally do not any
longer sail at any price, at the sacrifice of essential: interests. On
the contrary today we transport our products for the benefit of
mankind as a whole and these activities are performed at max­
imum safety and optimal reliability.
Consequently we now can state - also because sailing is not any
longer the only mode of transport - the only way of conveying
goods - that ’transportare necesse est’.
Meaning that in order to be sure that products can be delivered
- at the correct time,
- in the guaranteed shape and
- at the wanted places,
their conveyance, transhipment and storage must be well orga­
nized.
The additional condition ’at the lowest price’ often added to this, to
my opinion, is no longer valid while the reliability of the total process
predominates the price, within certain limits of appraisement.
Transforming navigare into transportare is not only changing
words. It means that the complementary functions transhipment
and storage, which are equivalent to the conveyance function are
now taken in one setting: transport.
Such considerations can also be derived from the fact that today’s
society can be more and more characterized by the interrelations
between the various activities which are necessary for us to
survive. Participants in this process are no longer permitted to act
autonomously. Considering the total we find that the necessary
interdependencies ask for a complex control and management
which can hardly be executed any longer by hand.
This development can be very well illustrated by the general
pattern of the history of the material activities of mankind. This
history shows rather spectacular change-overs and can be de­
scribed (Figure 1) in three stages:
devetapm anl of
bme
1
technique
technology
jjl
*J
place
anaport
1
■ppe arsons
craftm anahlp
matter
fr
I
dom inating
I
period
matter
energy
1
t
m atter
•"•rçy
I
Inform ation
u
control
charactenstics
transport cham
manual
transport
m anipulation
proces
autonom ous
coordinated
Hnks
links
Fig. 1
system
integrated lin k *
mech handling
equipm ent
mech -handling
technique
n
m dustnalcham
*«*»
consideration
directed on
held of
profession
transport
• In the past, autonomous activities were performed by individual
workers through manual labour. This period can be best charac­
terized by craftmanship. During this - static - period mechanical
handling tools and equipment formed the means to support the
physical labour.
• Co-ordinated links of transport and product chains can be found
after energy became available. The changes in this stage are so
spectacular that we still speak of the first industrial revolution,
during which techniques came into being.
Production and transport became more and more mechanized; the
various activities are no longer considered static. Considerations
are no longer directed to the objects themselves, but to their
functions; the activities are joined into processes. This present dynamic - stage still considerably determines our stage.
• Finally, the introduction of information offers cybernetic control
of systems. Mass, energy and information are the components of
technology. Transport chains are to be integrated, account being
taken of their mutual interdependencies.
This event again caused considerable commotion. We are today in
the epicentre of the so-called second - technological - revolution.
And those who wish to comply with the consequences, need to
adapt their attitudes accordingly. Consequently, technologic sys­
tems comprise all the activities, i.e. both production and transport,
necessary to take products from their origin to their destination in
the right shape, to the required place and at the most convenient
time.
Ports
The above stages of development also apply to ports. On their way
from origin to destination the flows of products pass through these
ports, which are either seaports, landports, airports, railway sta­
tions or trucking centres.
Also the accompanying and more or less synchronized data flows,
i.e. the complementary elements of transport processes, meet
these ports, and are also transferred, stored and handled accord­
ingly.
The earlier mentioned general developments also affected these
ports. Originally ports only existed to serve the traffic in a more or
less satisfactory but always in a passive way.
Gradually we realised that ports in fact were parts of transportsystems and that they even are the components of more complex
technological systems.
The subsequent stages of ports during their development can be
described when observing ports from a helicopter at various
altitudes. This helicopter-view then leads to the distinction of three
altitudes, characterized by their respective aggregation levels.
The activities to be considered can be specified subsequently as
operations, functions and relations.
Still on earth we can smell the products 1o be handled, and we see
the silhouettes of carriers and port equipment. These primary
sensory perceptions of port activities already indicate some impor­
tant parameters to be taken into account when we study the
phenomenon of a ’port’. After take off, first the operational aspects
become noticeable. These aspects tell us something about the
structure and organization of the field of activities. Regardless of
the equipment used and the methods applied, the proper functions
performed are of real significance. These aspects can only be
observed after we have gained still more height, that means after
taking more distance from the objects.
transport
technology
* Paper presented at the WEMT 84 Conference Paris. 1-4 july '84.
** Hoogleraar Transporttechniek T.H. Delft.
\
bk ft
t tö
p<oduc«r'i
tKipo«r'i
knk
link
Io
R
l o r m m ol
r o c o ip l
p )«r
link
INBOUND
d i llr ib u t o r i
feb.XI
ln
ih o d
T»IW I
loading
■ lo r c g o
Imk
link
link
vo yo g «
Imk
|
c o n tig n o o i
mowomonl
link
fro m p io r
lo rm m o f
d u p a tc H in g
link
link
H hr
A nA
c a rg o
h a n d lin g
» y ilo m
w ostol
d u ch argo
»h o d
to ri mg
I |sH '^
by
Imk»
Fig. 2
Speaking in terms of function, a port can be said to be a location
where conveyance activities are either completed or find their
starting point, (Figure 2).
For the different types of ports even a specific qualification i.e. a
name, was imposed by the dominant mode of transport they serve.
Such a practice is bound up closely with a restricted, one-sided
view, too often found in ports. Within technological systems there
should be an equivalency of activities, e.g. production and trans­
port. Now, I must admit that already in the transport level itself,
there is no equilibrium of power.
As I mentioned before, main modes of transport dominate all
others that meet in a particular port. Consequently, the so-called
’sealeg’ of a seaport is generally well developed, whereas the
landleg’ still can be improved considerably. Similar observations
can easily be made for airport, railway stations and trucking
centres etc. with regard to their predominating transportmodes.
When flying still higher, the helicopter finally allows for a still more
aggregated picture, showing the principles of transport, or better of
technology, on the location under consideration. Such a picture
can only be obtained through a system approach of the transport
problems.
I
»
I w in n ing
(
I
j trin s p o rt
I
»
I tlO f» g o
(
P
I p ro du ction
r
r
d"
Product chains
The position of the cross-section within a product chain indicates
the degree of completion of the technological series of activities a
product has to undergo before it reaches its final goods (Figure 4),
Roughly speaking, this can be expressed in terms such as: raw
material stage, semi-manufactured stage, and finished goods
stage. A more accurate way of expressing this could be found in a
technological percentage. Anyhow, the position of the crosssection should be determined, and more particularly, changes of
this position should be watched carefully.
In the flow of products from less developed areas such shifts due to
primary production activities can be easily expected. For a not so
well prepared observer they come as a surprise nevertheless.
Besides this technological completion percentage, which indeed
can be considered a magnitude to characterize a port, the volumes
of the transport flow through the transport chains and the appear­
ance of the goods must be given all the necessary attendance.
On account of their physical properties, most products and articles
are not simply suitable for transport. Until recently, it was con­
sidered a good practice in transport enterprises to develop all kinds
of adaptations of the means of transfer and handling aids, in order
to suit the varying requirements of the specific goods to be trans­
ported. A next step in system approach of the optimization process
was reciprocal, through efforts directed towards the cargoes them­
selves. One of the spectacular results was the introduction of
assembled unit-loads of uniform dimensions, neutralized char­
acteristics and appropriate weights. Of these unit-loads the con­
tainer is the most outstanding, attracting a considerable and ever­
growing share of so-called general cargo.
Now, what can we consider an appropriate weight? Historically
speaking, it was a load that could be borne pickaback by a docker.
CHE)
»onaportaoon
GEE)
transportation
) d iatn bu lion
]
?a
produ ction
26
» a n spoliation
f w<»«ae )
co n su m p tion
production
(
I
« lo fage )
ra n y p r n a tip n
f
tranp h ipm on t
etoragr^
V
>c
>EI
L
-i
product
f
p ro d u ct >oo
26
tra n spo rtatio n
1
transportation
transportation
|.
rztn
(
[
j
chBln
(atorag
Fig. 3
_______ V________
I
The description in accordance with such an approach reads: A
port is a location in which products are transferred from one stage
within a (transport) system, to a subsequent one’ (Figure 3). Such a
location can be called a terminal, and a collection of terminals
together form a port,
The role of such terminals, whatever type we may have in mind, can
be considered a component of the transport chains, respectively of
the product chains. The ports form the cross-sections of the
different product chains passing through them. This implies that
terminals and ports also belong to the basic technological systems
of which they form the components.
f"
-h —-izL —r:
fran sp odatio n
)
»to rag e
production
^
slo r a g » ^
f
» fo ra y
j4
transportation
con sum p tion
C storage^
L
transportation
— 3 1 -----
□
(
lTO«9t )
CEE)
transportation
Fig. 4
I
Een vaste koers een economisch
bedrijf
SKL Scheepsdiesels als hoofdm otoren,
hulpm otoren of als boordaggregaten:
zuinige krachtbronnen voor de vaart op
alle w ateren . D at is het resultaat van een
vaste koers bij de doelgerichte o n tw ik k e ­
ling van deze m otoren. De 3e generatie
SKL m otoren leveren het bewijs: laag
brandstof- en olieverbruik; geschikt voor
zw are stookolie. Lange levensduur van
alle onderdelen; gunstige intervallen
tussen service-beurten; verregaande
automatisering; groot verm ogen gecon­
centreerd in een com pacte m otor.
SKL-m otoren zijn m otoren w aa r je van op
aan kunt.
W ij leveren dieselmotoren van 90 tot
5300 k W en dieselelektrische aggregaten
van 30 to t 3150 k V A . Vraag s.v.p. nadere
inlichtingen.
De krachtige energiebron van w ereld ­
faam .
Im p. P.J. Brand b.v.
Postbus 275
3300 AG Dordrecht
Tel. 078-148522
VEB
SCHW ERMASCHINENBAU
»KARL LIEBKNECHT»
M AGDEBURG
- KO M BIN AT FÜR DIESELMOTOREN
U N D INDUSTRIEANLAGEN -
TechnoCommerz
Voltseigener Außenhandelsbetrieb
<E
DOR-1086 Berlin
Johannes-Dieckmann-Straße 11/13
Telefon: 2240, Telex: T14977-8
Met hydraulische Lukas vijzels en
gereedschappen kan veel tijd bespaard
worden, soms tot 70%
B.V. MACHINEFABRIEK
EN REPARATIEBEDRIJF
D. E. G OR T ER
Postbus 6 - Hoogezand Holland
Tel. (05980) 9 58 35 - Telex 53054
Met de kompakte lichtmetalen 500 bar Lukas cilinders kunnen
vele werkzaamheden met hoge druk- of trekkrachten
kostenbesparend en op eenvoudige wijze uitgevoerd worden.
Lukas verdient zich zelf snel terug bij het heffen en verplaatsen
van lasten, inbouw in persframes, aftrekken van tandwielen,
lagers en koppelingen, montage in machines en als montage
gereedschap in de scheepsbouw, bouwtechniek, staalbouw en
werktuigbouw.
Vraag onze uitvoerige katalogus eens aan:
FAG
H ydrau lie k
• n R egeltechniek
FAG Nederland B.V.
afd. Hydrauliek en Regeltechniek
Postbus 11039 3004 EA Rotterdam Tel. 010-37 4011 Telex 25187 fag nl
Fo to- en F ilm stu d io M .N. H o o g ezan d
ontwerp en inbouw machinekamers - tanker instal­
laties - installaties zandwinningsbedrijven - dekluiken - systeem transport efficiency - tussendekluiken - staalconstructies - hydraulische machines voor
scheepsbouw - diesel aggregaten - hefkranen - pijp­
leidingen - bouw voor- en achterstevens - complete
scheepssecties - matrijzen - stempels voor elke in­
dustrie - transportabele (cutter) zuigers D.M.I.
f
d K ra a n .
lil®
h ang- en slu itw e rk voor schepen
messing en roestvrijstaal
eigen fabricage van zwaar beslag
voor waterdichte deuren en luiken
K ra a n .
hoofdstraat 190 hoogezand tel. 05980-94899 telex 53732
unitized cargo is far in the minority as far às it concerns intercon­
tinental transport. However, expressed in value, the breakdown in.
bulk transport and unit cargo is probably closer to 30; 70!
It goes without saying that this explosion in the appearance of
goods was not made possible solely by the technological develop­
ments; it was introduced by basic shifts in the relative costs of the
handling and transportation of goods.
To prove, or at least to justify the goods-explosion-model, it can be
shown that already ten years ago the cargo flows passing through
the port of Rotterdam successively in the years 1965, 1970 and
1980, gave a forecast of what is considered today a crisis in general
cargo (Figure 7). This event is in no way to be considered conjunctural, but it is purely structural.
In this stage bulk cargo had to be bundled to ’manloads’, and heavy
or voluminous loads had to be broken down to manageable pieces.
The various types of commodities can be depicted according to
ascending dimensions of the particles and pieces to be handled
(Figure 5). However, this manload orientation of commodities
cannot last much longer. Not only because it will not be considered
decent to make use of human beings as if they were pack-animals,
but perhaps even more because modern requirements of efficien­
cy (such as weight, dimensions and speed) are no longer met. And
this results in the transformation of manloads into unit-loads and
bulk cargoes.
As mechanization makes progress throughout the transport
chains, the weight restrictions can gradually be removed, or at
least be moved up considerably.
However, as long as not all the stages in the chain of transport have
been mechanized properly, the units will have to be broken down
into manloads again at the poorly equipped locations.
b q u x ti
urwt load*
lu m p i
Fig. 7
Technological systems
If products become available in sufficient quantities, the assembly
of unit-loads becomes superfluous. In that case, special, adapted
implements and methods for continuous conveyance must be
available in every stage (Figure 6). This process of adaptation will
go even further when the products themselves are provided with
other appearances for reasons of transport efficiency. Examples
are: liquified gas, slurrified solids, and pettelized ores.
Transport
systems
10*
10*
1
»0°
10'*
10**
—
g«fi
I
I
M i I poWor» yrawJatat hgprpggj*
Fig. 8
—
_
UI»i Iml
I jjoroft
Fig. 6
For many interested parties the development from ’manload
orientation' to bulk cargo and unit-loads came as a complete
surprise; and the phenomenon is therefore called: ’goods-explosion-model’. This explosion brought a tremendous part of intercon­
tinental freight transport into the category of bulk cargo; of the total
volume of dry cargo over 80 per cent.
On the other hand the manloads found their way in the already
familiar forms of unitized cargo. So, speaking in terms of volume,
Production
systems
I
i
Value of
place and
time
<•rmsLton
fNrlt
le M
m
pm
.“
J
....
I
L
V*
p 2 SI SI
J
* v
Ü1
r.
S88S
§
E
/ s È 1 s 1
§
S
1 —
§
IS
-p
Value of
shape*
T
i
Total value added
Systems approach
.
i,
When we try to give answers to the (joints raised labbve, the best
instrument to use seems to be the systems’ approach (Figure 8).
Following this approach, port activities have to'be seen in the first
place as a sub-system of the total transport system. (Total) trans­
port systems should in their turn be considered as sub-systems of
the still broader, technological systems that envelop both transport
and production systems. (It should be kept in mind that the objec­
tive of production and transport is the addition of value to the
product; production adds value by virtue of shape, whereas trans­
port adds value by virtue of place or time.) By applying the systems
approach to ports it is possible to gain control over the tremendous
number of variables involved in port activities, Many activities take
place; at several places, at the same time, or with a time-lag.
The systems approach makes it possible to keep control. It enables
simulation in advance (Figure 9), and the determination of which
uncertainties in future developments are relevant to decision-
Port simulation
c -----------1
------------- '
<7
As part of
technological system
As part of
transport system
A, Cross-section product chain
A. Appearance ot the poods
B. Adaptation ot products
B. Volume ot freight flows
C. Homogeinity of products
Fig. 9
D. Quay of port activities
making, and which uncertainties are not. The systems approach is
necessary if we want to conduct an anticipatory policy, instead of
merely reacting to events.
In general, transport activities may be specified in a fairly detailed
manner in so far as it concerns the type of goods, their origin, and
their destination. In using the systems approach, it must be borne in
mind that a port as such is usually part of more that one transport
system. And in particular a seaport forms a collection of activities
serving to connect sea transportation with the various modes of
inland transportation. This means that in decision-making con­
cerning port activities, we should not only take into consideration
the relevant variables for each individual product chain, but also
the optimization possibilities opened up by the fact that a whole
range of product chains is passing through that port at a given
moment. In this connection it is interesting, that time and volume
specifications are not completely exogenous, but can be influ­
enced by those who are responsible for decision-making in ports.
The earlier considerations can be summarized as follows:
Until recently, the means of transhipment and conveyance were
adapted to the requirements of the goods to be transported. If the
goods are considered one of the elements of the transport system,
the appearance of the goods is no longer external' data. The
appearance then becomes an indigenous variable within the
system, and only the physical characteristics of the products
belong to the external data.
The data accompanying the product has to be seen as a part of the
transport system. This will be obvious when we realize that the
actual transport time through the whole transport chain is limited by
the speed of two flows, namely: the flow of goods, and the flow of
data. The slowest of these two flows determines the actual door-todoor transit time. It makes little sense to increase the speed per link
in the transport chain, if it is not possible to achieve an according
speed in the data flow.
transport system
. docu m e nts
p ro du cts
a. Port a c tiv itie s as parts o f tra n s p o rt ch ain s
Because product origins and destinations are in most cases not the
quay side, harbour activities form in general part of transportation
’clusters’. Clusters are the several transport activities (e.g. stor­
age, conveyance, and transhipment) which together comprise a
transport chain.
It will be understood that within such a chain, port facilities as such
are influenced by the other transport activities, so that optimizing
the port activities in fact comes down to optimizing the clusters that
together form a transport chain.
b. Transport chains as parts of transport systems
The above-mentioned clusters of transport activities do not stand
on their own. They form an element of transport systems (Figure
10). Other elements which must be taken into consideration are:
the products that have to be transported, and the data accompany­
ing those products. Again, it should be realized that decision­
making in (the links of) a transport chain calls for a broadening of
scope, in this case towards considering the transport system as a
whole.
transhipment
relationship
gco O i
M o rm aO o ri
Fig. 11
c. Transport systems as parts of technological systems
As mentioned before, a transport system can be viewed as a sub­
system of a technological system that embraces transport activi­
ties as weil as the production system (Figure 11 ). In fact, the whole
set of a technological system spans all the processes during which
a product is transformed and transported, starting with the extrac­
tion of the raw material, and ending with the final consumption.
Such a technological system can be symbolized by a product
chain. In terms of the systems approach it will be understood that
decision-making cannot be optimal when it is limited to the trans­
port sub-system. The production sub-system(s) have to be taken
into consideration as well.
It is also clear that widening the horizon from the transport sub­
system towards the technological system as a whole becomes
more necessary as the time horizon recedes.
This integrated decision-making process of considering produc­
tion and transport together is part of the process of thinking in terms
of business logistics.
Logistics can be restricted to the micro-, meso- or macro levels;
respectively the installations of activities forming the links of
chains, the processes within transport- or product chains or, finally,
the technological systems as a whole.
d. The port as a meeting point of a number of product chains
A port should not only be seen as a sub-system of the transport
system, which in its turn is part of the technological system, the port
is also the geographic location where a number of product chains
meet. In many cases, however, the cross-section of each of these
product chains is at a different level, the level of cross-section is of
importance in port model building.
Although technological changes may appear to be sudden for
naive observers, there are still signals from which such surprises
can be foreseen. I must admit that such signals are not always
obvious. Still, it is worthwhile to trace them, because - as I said
earlier in my paper - substitutions of shifts may have unpleasant
effects, in particular when they take place quite unexpectedly.
Such technological accidents can be avoided, if we are not fright­
ened by them. Explosions are only swift processes which can be
controlled, if feedback and steering can be made faster.
Ports which have been set up in accordance with the principles of
participation in (technological) systems have properties deviating
from conventional ports.
In the first place the various phases of activities are disconnected.
This means that no direct transhipment from one carrier to another
will take place. The common direct discharging from seagoing
vessel into inland vessel and other combinations will no longer be
performed for reasons of overall economy.
Extra handling does not necessarily mean extra costs, when
considered in a wider context. This includes an optimal service to
all carriers concerned, and a more intensive use of quays, sheds
and similar facilities through indirect transhipment.
Intermediate transport equipment
This principle allows for the introduction of intermediate transport
equipment for the geometrical spreading of discharging and stor­
age areas (Fig. 12). Speaking in terms of transport systems, a
weakening of quay-ties, and particularly of storage, can be said to
be obtained. This means that expensive quay surface need no
longer be used for the storage of products. Such a port model also
allows for making a principle distinction between industrialized
ports and integrated ports, contrary to usual views. A port can be
very well integrated with serving and served industries lying at
considerable distances from one another. In particular, when
connections via continuous transport equipment are available,
these distances are less relevant; and thus valuable port surface
can be spared.
Ports were orginally situated in or by living areas, however, more
and more they tend to be located near the seacoasts. At the same
time the storage of goods will develop towards stockholding facili­
ties, and even towards some kinds of transformation of the goods
handled.
The earlier mentioned tendency of the division of transhipment and
storage, i.e. the fact that the necessity of coupling the two stages no
longer exists, allows for transhipment areas on the seaside, and
storage and stockholding facilities more inland and closer to, or
right in the middle of consuming areas.
Anyhow, it is no longer the technology that will determine deci­
sions. Economists, ecologists and politicians will have opportuni­
ties to seek their own decisions, and can no longer hide behind
technical and technological considerations.
Functionally speaking ports connect the flows of products and
information. Depending on the modes of transport such a port has
to be materialized. The more variations the higher the degree of
complexity (Figure 13). A very simple port' is the direct transfer of
goods from ship to ship at open sea.
TRANSPORT OF GOODS
RAIL
H
ROAD
AIR
IE A
W ATERW AYS
PIPELINES
Ï
STORAGE
TR A N S ­
SHIPMENT
Ra
Ro
A
s
w
p
•i
r
t
]
Problems
Technically such a situation offers a number of problems due to the
fact that both objects move independently. All motions have to be
compensated for such movements and particularly the physical
connection between the ships offers a wide field for inventors and
designers. Various constructions have been developed on the
basis of wave compensation. They all are limited because of the
high energy level of such constructions.
From the logistical point of view pirate loading is interesting be­
cause it offers possibilities for optimization of the exploitation of the
ships concerned.
As more functions have to be added the connection problems
become of another nature. The transport-matrix allows for any
combination of modes and functions. One could even speak of ’a
port of the x,h-degree", meaning that x-functions encounter in that
junction.
The role of ports can serve logistical approaches. New equilibrium
depending on criteria such as price, quality and delivery time can
be optimized.
Logistics offer tools for a well-tuned organization - a structure - in
which participants jointly seek for improved results. Shape, place
and time, principles for modern transportation, can be performed
cheaper and more reliable through the application of logistics.
Reliability might be the goal for transport in future and, as said
before even predominates prices.
Lack of realibility can be reduced through increase of velocity or
increase of stocks, all through the transport-chain. The interrela­
tion between the various links in transport- and product-chains are
complex, but todays electro-logics can tackle this problem. Data­
flows, well synchronized with productflows can be properly struc­
tured to monitor at any time and place the processes. They can give
the proper warnings for deviations from the intended process.
Such information will be available for all participants, as far as
relevant for their activities.
It anyhow asks for a change-over of attitudes to avoid extrapola­
tion. Logistics in this sense means the fully integrated stage,
resulting from the technological revolution, in which transport plays
an equivalent role in comparison to production and trade. Finally
transport will be still service rendering but now in a more positive
and active way. This includes that ports will not be longer fully
dependent on whatever development, but it stands for centres,
which - like all other participants in the gam e- can shape their own
future.
Lloyd’s Register’s approach to ship safety*
by R.A. Goodman, BSc, PhD, C Eng
Synopsis
The last one hundred years have seen a gradual development in ship design which followed what was a rapid innovative phase in the
middle part of the last century. A brief historical review is given to the background of these last one hundred years, highlighting the major
contributions made to marine safety by Lloyd's Register of Shipping.
The very recent rapid scientific and technological progress in ship design and operation is discussed, together with a justification for
introducing new approaches to safety assessment to correspond with this progress.
The paper identifies the need to predict the performance, reliability and safety of new ship types and marine structures through simulation
and other techniques. The need to ensure that the intended operational aspects are practical and fully understood by the designers,
operators, crew and the authorities, including the Classification Societies, is important in such simulations and subsequent approval.
INTRODUCTION
When first founded in 1760, in the heyday of sail, Lloyd's Register of
Shipping was concerned principally with the classification of ships'
hulls. It was not until 1874, with the increasing importance of steam
powered ships, that the fitness of machinery was included as part
of classification1.
Shortly afterwards, Samuel PlimsolCs Merchant Shipping Act of
1876 established minimum levels of freeboard for merchant ships.
Following this, Lloyd's Register developed freeboard tables which
were later adopted by the Board of Trade.
Contemporary with these changes was the equally revolutionary
change of structural material from wood to iron to steel. Lloyd's
Register was involved with the classification of ships in all these
materials, and the first Rules for steel ships were published in 1888.
These were early events in a rapid evolution of ship design and
propulsion. Further advances and changes were, for example,
isherwood's longitudinal framing which appeared in 1908, and the
advent of internal combustion engines for propulsion. Milestones
for Lloyd's Register in this era included the first oil tanker Rules in
1909, and the classification of the first all-welded ship, the FULLAGAR' in 1920.
Lloyd’s Register had achieved increased importance and standing
internationally. This was shown when the Lloyd’s Register inspired
International Load Line Conference Agreement was signed by Dr.
Montgomerie, then Chief Ship Surveyor for H.M. Government
delegation in 1930. Dr. Montgomerie made important contribu­
tions in the analysis of ship plate behaviour, including buckling, and
presented a paper on the subject in Japan in 19342.
During the last thirty years or so, the size and complexity of ships
have increased dramatically. A significant proportion of the world's
fleet is now made up of ships with complex features and systems
designed for the needs of particular trades. Most of these ship
types, for example chemical tankers and liquefied gas ships, and
the special cargo handling systems they use, were almost un­
known at the beginning of this period. The expansion in the number
of these complex ships was caused by the growth in technological
sophistication of the world's industrial economy.
Subsequently, although the average size of some types of ship
built after the oil crisis has decreased slightly, the technological
sophistication of new buildings has continued to increase as
owners attempt to take advantage of the latest improvements in
machinery, equipment, electronics and computers.
An example of this is the increasing number of owners fitting
multipoint loading instruments3. The digital computer-based ver­
sions of these were almost unknown five years or so ago although
loading instruments were introduced 20 years ago. They are now
regarded more and more as essential cargo planning tools which
are being fitted on many new ships. Confirming this growth, Lloyd's
Register is experiencing over a 50 per cent increase per annum in
the number of loading instruments fitted to the LR class fleet. Some
of these instruments use automatic sensors capable of measuring
tank contents other examples of the increasing use of complex
systems are trends towards unmanned machinery spaces, satel­
lite-based navigational and communication systems.
2. OVERALL APPROACH TO SAFETY
2.1 General
The principal objective of Lloyd's Register of Shipping is to provide
the marine industry in general with an independent assurance of
safety, quality and reliability. In so doing, Lloyd'« Register en­
hances for the benefit of the community the safety of life and
property.
To enable Lloyd's Register to fulfil its obligations as an authority on
safety, in particular the technical aspects of safety, it is necessary
to keep pace with and anticipate the requirements of industry.
Technology is becoming more advanced and specialised. Installa­
tions are increasingly becoming more complex. The requirements
necessary to control the safety of these installations also tend to
become complicated and difficult to administer effectively.
A framework of overall safety has been developed in response to
this situation. It is designed to represent a fundamental considera­
tion of the procedures by which safety is assured. Within this
framework, it is recognised that some elements will be the specific
responsibility of various authorities and organisations.
2.2 Safety
Safety can be defined as the freedom from danger or from un­
acceptable risks of harm to the person, the invironment or property.
Safety does not just happen, it is the reward of care, thought and
good organisation. When quality is inherent in a product and
reliability is attained, safety will be possible provided human error is
avoided. It should be noted that any complex engineering con­
struction will never be absolutely safe, since this implies total
perfection by the people and processes involved in its design,
production and operation, and suppression of any attendant
hazard.
Various new ship types are constantly coming into existence. The
signs are that many more types with special features will be needed
in the future. Some will introduce advanced technology and others
will necessitate a close analysis of their operational role, particular­
ly for safety reasons. In these situations, reliance upon past
experience may not be adequate because past experience would
either be incomplete or non-existent.
A safe ship operation depends for its safety on many factors. In
order to assess safety, all aspects should be considered, indi­
vidually and interactively, in the light of the most up-to-date in­
formation. Due consideration should be given to the intended
function, requiring an understanding of the operational aspects,
including the working environment, see Fig. 1.
'This Paper was presented by Dr, R.A. Goodman, BSc, PhD, C Eng, Head
of Hull Structures, Lloyd's Register of Shipping, at the request of the
Department of Naval Architecture and Ocean Engineering, Glasgow Uni­
versity, on the occasion of their Centenary Conference on Marine Safety',
8th-10th September. 1983.
Reprinted from 'Marine and Offshore Safety’, Edited by P.A, Frieze, R.C.,
McGregor and I.E. Winkle with permission of Elseviers Science Publishers
BV. 1984.
A ls u w ilt weten waarom
•v e r de hele wereld
schepen Freem an
m angatdehsels h e b b e n ...
gassen
lastechniek
NIJVERHEIDSWEG 11
9601 LX HOOGEZAND
POSTBUS 153
9600 AD HOOGEZAND
TELEFOON (05980) 9 88 44
TELEX 53782
Htechnisch
M bureau
H Äb.v.
3008 AR Rotterdam • P.O. Box 5693
41, Sluisjesdijk • Telephone 010 ■290.666*
Telex 28547 hateb nl • Telegraphic address
HAMTEB
After office hours: 010 - 816527 101807 • 19171
0 1 8 5 8 -5 9 9 5 /8 0 9 5 /2 2 2 0
AGENT FOR:
HYUNDAI
M IPO D O C K Y A R D CO.,LTD.
ULSAN • KOREA.
With the SEVEN graving docks,
total capacity 2,150,000 dwt,
H.M.D. emerge as the largest
ship repair yard in the world.
And as one of the most
competitive repair yards in
terms of costs,
deliverytime and
workmanship.
DAY AND NIGHT SERVICE
Freem an. Bij T aselaar. W a terd ich te luiken van
zeew aardig alum inium of staal.
V o o r in het d ek, in de m a c h in e k a m e r.. , k o rto m , vo o r
elke plaats w aa r een m angatdeksel. inspektieluik of ontsnappingsluik hoort.
D e z e F reem an luiken zijn de snelst te openen, en
b etro u w b aarste te r wereld.
Z e liggen gelijk m et het dek, de handel is in het luik
verzo n ken w aard oo r de w erk vlo er vlak blijft. T o c h is
openen en sluiten niet m e er dan een kw estie van
sekonden. Ze zijn gegarandeerd w aterdicht tot 10 m eter
en zijn goedgekeurd door de bekende KlassificatieBureaus. Kies uit rond, ovaal, vierkant met en zo n d er
scharnieren, en in vele m aten. Bij T aselaar.
O pen
G e slo te n .
F re e m a n s u n ieke o n tw e rp g a ra n d e e rt a b so lu te a/dich ting to t
10 m eter. D e tw e e h o e k e n van d e p a k k in g w o rd e n o p z ij
g e d ru k t, w a n n e e r h et lu ik w o rd t g e slo te n . D it zo rg t v o o r een
p e rfe k t k o n ta k t en k re ë e rl een va cu ü m in d e g ro e f van de
p a kk in g .
WH HEBBEN
BE ENEBGIE VOOR
S N E L L E ^ ^ M
V A N IN G E N w rin g t zich
voor U in a lle bochten om
U snel en vakkundi
d ien st te zijn.
EEN KLEIN BEDRIJF
G R O O T IN KO ELING
Koeltechnisch Bureau
GEBEKO B.V.
Kommiezenlaan 25
3125 AM Schiedam
Telefoon 010 - 150255
Telex 26258 GBKO
VAN IN G EN PIJPW ERKEN VAN IN G E N PIJPW ERKEN
S .I.V A N ING EN
ROTTERDAM B.V.
A M STERD AM B.V.
SERVICES LTD.
Tel. (010) - 29.02.22/29.08.25 Tel. (020) • 22.47.98/22.86.15 12224 - 103A Avenue
Telex 20897 Ingen nl.
Telex 12537 Ing. p l.n l.
Surrey B.C. Na 19.00 uur en weekends: Na 19.00 uur en weekends:
Canada V3V 3G9
(010)290825
(010) 290825
Tel. (604) 585 - 7000
(tel. beantwoorder)
(tel. beantwoorder)
Telex 04 351157
VAN INGEN PIJPWERKEN B.V. AL MEER DAN 50 JAAR DE NAAM
IN SNEL EN KANT EN KLAAR PIJPWERK
HANSEN
INGERSOLL-RAND
air driven wire rope hoists
air driven chain hoists
air driven travelling cranes
dubbelduurzam e
snelstkoppelingen
SPECIAL FEATURES FOR
OFFSHORE-MARINE
•
•
•
•
•
m
geschikt voor vrijwel alle gassen,
vloeistoffen en chemicaliën.
leverbaar in 6 materiaal soorten
met diverse soorten aansluitingen.
grote betrouwbaarheid en
gewaarborgde veiligheid door
constante kwaliteit.
grote doorlaat door hoge Cv factor.
zeer lange levensduur.
allerlei veiligheidsvoorzieningen
leverbaar.
VAN EYLE & RUYGERS
PERSLUCHT EN TECHNIEK B.V
Rotterdam 010-22 66 66
-
no electrical hazard
no heat up of motors
accurate load spotting
low maintenance
THOFEX
ROTTERDAM
goudsesingel 63-65 - tel. 12 02 90 - telex 22383
Shipowners
requirements
manship or manufacture is anticipated in adopted criteria.
Following these activities, the ship operatorshould be made aware
of any limitations and constraints which should be observed fully
during operation in order to minimise risk.
Specifications
2.4 Operation
The safety of a ship in service depends on maintenance in a state
consistent with the intended purpose and original design, and the
operation within the limitations and constraints imposed by the
design. These aspects are illustrated in Fig. 3. The procedures by
which the ship is to be maintained should be defined with due
regard to the design process and the corresponding limitations.
The human influences are of great significance. Human error has
been the attributed cause of many major hazardous occurrences,
and in complex installations the scope for such failures is in­
creased. The probability of its continued occurrence must not be
ignored in the development of future ship design, construction,
equipment and operational standards.
Creation
(See Fig. 2)
1.
Design
2.
Materials
3. Construction
and assembly
|
|
Quality of manufacture
Specifications
satisfied on
delivery
Maintenance is essential to ensure that all components remain,
throughout the life of the ship, within the allowable limits of de­
gradation. At periodic inspections, the condition of components
should be examined to ensure that unacceptable degradation is
not present. The intervals at which periodic inspections and sur­
veys are performed should be based on experience, importance
and inherent redundancy in order to be effective.
Successful maintenance and operation depend on compliance
with procedures which take account of the design assumptions.
Any limitations must be formally described in manuals, being
presented in a manner that is both complete and easily compre­
hended. Since these manuals represent an important aspect in
operational safety, it should be ensured that the presentation and
scope is adequate, and that the documentation is made available
to the ship operators and crew. Where onboard systems are
utilised to augment available manpower or simplify procedures, it
must be ensured that resources are available to deal with
emergency situations.
Notwithstanding that the ship is maintained in its safe state, overall
safety still depends on the effective use by the operators and crew,
It is paramount that the necessary training of the crew is carried out.
Any omission in this important element could make all other efforts
in assuring safety less meaningful
Operation
(See Fig. 31
4.
Satisfactory
performance
in service
Operators
and crew
Reliability and safety
2.3 Design, Materials and Construction
Comprehensive design and inspection of the ship during the
creation phase is essential since, if the ship is not adequately
designed and constructed for the intended purpose, successful
operation will not be obtained. The procedures used in design and
construction quality control should be adequate to ensure that the
final product includes the required degree of built-in-safety, see
Fig. 2.
Additional care is required in relation to the operation of the ship.
Only when the operator understands and respects the intended
purpose of the design can the necessary assurances be given on
reliability, and hence safety.
In materials manufacture and construction, quality is assured by
the control of processes. It is necessary to ensure that the design is
complied with precisely, and that the influence of quality of work­
3. INTERNATIONAL CONVENTIONS AND CLASSIFICATION
Having analysed the various factors which have to be taken into
account in assessing a safe ship operation, and bearing in mind
that no ship operation project can be made absolutely hazard-free,
R e search and D e v e lo p m e n t
Fig.
2
V
*
E xp erience
y
has been changing tot include a greater involvement with the
statutory survey and certification of ships as an agent of govern­
ments in accordance with ratified International Conventions and
Codes. This involvement has allowed the Classification Societies
to effectively and efficiently cover an increasing number of matters
related to safety which they did not previously deal with. This
widening involvement of the Classification Societies in assessing
safety at sea has many advantages. These advantages are more
3.1 Traditional Role of Classification
The principal traditional role of a Classification Society is to provide fully appreciated after considering the problems associated with
the marine industry in general with an independent assessment of introducing new or changed regulations.
product quality and reliability. The standards of ship construction Generally, provided an existing regulation is based on sound
have been laid down in Rules and Regulations established and experience and sound scientific and technical knowledge, and
developed by the Societies themselves, taking full account of uniformly enforced, there will be little complaint about complying
service experience'1. These requirements are updated con­ with it. The cost of complying is rarely discussed because all
tinuously reflecting current service experience, developments in ( shipbuilders and operators have to incur the relevant cost, and that
new design and materials, and taking account of the results of their cost is ultimately passed on in the form of higher transportation
own extensive research activities as well as research and develop­ charges, which ultimately the public accepts because of the benefit
ment programmes carried out elsewhere, Most Rules embrace received from greater safety. Problems arise when it becomes
detailed requirements for the construction and survey during necessary to either change a regulation, introduce a new one or
construction of the hull, main machinery and electrical equipment, there are enforcement difficulties.
as well as materials. One traditional and principal function of the There are frequently difficulties associated with getting agreement
Classification Society has been the approval of the midship section on the interpretation of the scientific and technical knowledge upon
plan, other principal structural plans and the longitudinal strength which the regulation is to be based, and difficulties in getting
shipbuilders and operators to accept that a change is necessary. In
of the hull girder.
After compliance with these requirements, ships are entitled to a a normal commercial situation, shipbuilders or shipowners will
class notation appropriate to their type and intended service. If the quite understandably enquire as to the reasons for modifying
ship is to remain classed, it is necessary for surveys to be carried present arrangements. It is right that these questions should be
out at regular intervals. The purpose of these surveys is, of course, asked, since great care needs to be taken to ensure that a new or
to ensure that the ship is maintained to a required standard, The changed regulation is based on up-to-date experience, up-to-date
nature and extent of these surveys is, therefore, prescribed in scientific and technical knowledge and, where relevant, operatio­
classification Rules, and failure to comply will ultimately lead to nal procedures, and will result in a necessary positive improve­
ment to safety. Further, if the change results in significant cost
withdrawal of class.
The work of the Classification Societies covers fully all major increases, then it must be possible to enforce the regulation to
structural, mechanical and electrical components of ships, but it ensure that all shipbuilders and operators are not put at a disadvan­
does not cover all aspects of safety at sea. For example, at the tage relative to competitors due to a cause beyond their control,
present time, classification Rules do not generally cover such and that the costs are within the economic limits of the industry
matters as subdivision and stability, life saving appliances, concerned.
navigational aids, loading and discharging arrangements. Due to With regard to getting agreement on the correct scientific and
developments taking place at I MO, this may change in the future. technical basis from which to work, this is becoming an increasing
Aspects of safety, which derive directly from International Conven­ problem because of the rapid increase in new ship developments
and new cargoes where past experience is not relevant. Technical
tions, are normally covered by the Administration of the flag state,
which as a consequence of ratifying a Convention, is legally procedures which have been used very successfully in the past
empowered to withhold or cancel the relevant statutory certifica­ may not be applicable to the latest ship projects being proposed;
tion and employ the ultimate sanction of preventing an unsafe ship indeed, they may be positively harmful and, if applied, result in
greatly increased costs with a positive reduction in safety.
from sailing.
Notwithstanding the above, the greatest problem, when introduc­
ing a new or changed regulation, is uniform international accept­
3.2 Certification Work by Classification Societies
In this respect, the traditional role of the Classification Societies ance and enforcement of that regulation. The difficulties here can
it is necessary to ask whether present arrangements are adequate
to take account of the factors raised.
Before trying to answer this question, it would be useful to recap on
the role of the Classification Society, firstly in its traditional role, and
secondly when it becomes involved with certification work on
behalf of governments.
euro-blasi bu
HOLLAND ROERPROPELLER
voor optimale manoeuvreerbaarheid
Wordt succesvol
toegepast voor o.a.
veerponten
passagierschepen
binnenschepen
kraanschepen
drijvende bokken
sleep- en duwboten
reinigingsvaartuigen
patrouillevaartuigen
Standaard leverbaar tot 1600 pk.
Speciale uitvoeringen en grotere
vermogens, aangepast aan uw wensen
en bedrijfsomstandigheden, kunnen
geleverd worden.
Vraag prijs en uitvoerige dokumentatle bij
Johan Dane bv
machinefabriek en handelsondememing
Postbus 3044, 2935 ZG Ouderkerk a/d IJssel
tel. 01808 - 2889/3008, telex 24157 JDANE
MACHINEFABRIEK
iS p ir o ^
designers of
patrol boats
Naval architects, m arine engineers, co n su ltan ts, surveyors
P.O. Box 444 - 4200 AK G orinchem - Holland
Tel 01830-35711 - Telex 25677
☆
Leidingwerk voor de
scheepsbouw
☆
Divers groot
verspaningswerk
☆
Groot konstruktiewerk
(b.v. bordessen)
☆
Aluminium prefab units
EMMEN
Telefoon: 05910-24889
Telex 30008
B.v.
S.CMJ. Piektkk dieselmotoren.
Uvaarter welbij. ®
mv "Dockexpress 20" 2 A.B.C. ■S.E.M. T, PIELSTICK dieselgeneratoren 8PA-4-L 185 VG.
De PA-4 motor: 660 - 3300 kW,
1200 -1500 t/min.
Flexibel in bedrijf: door unieke
constructie forse reserve voor over­
belasting, langdurig draaien op laag
vermogen toegestaan.
Zware brandstof: tot 180 C st (50°C).
Eenvoudig in onderhoud:
met lange intervallen tussen servicebeurten.
Betrouwbaar: ruim 40,000 cilinders
in bedrijf.
IIMDUMIJ MOTOREN BV
Mijlweg 71, postbus 101, 3300 AC Dordrecht.
Telefoon 078-170000, telex 29142.
Bodewes Scheepswerven B .V .
te Hoogezand.
Een scheepswerf, welke zich bezig houdt met het ontwerpen en bouwen van diverse typen
zeeschepen tot 6000 ton draagvermogen, binnenschepen, sleepboten enz. zoekt een
H .T .S . Ingenieur Scheepsbouw
De kandidaat dient naast het maken van ontw erpberekeningen ook bereid te zijn mede de
nodige werktekeningen te produceren.
Leeftijd: ca. 25-30 jaar.
Belangstellenden worden verzocht hun schriftelijke sollicitatie met uitvoerige inlichtingen en referenties te
richten aan direktie Bodewes' Scheepswerven B.V., Postbus 32, 9600 AA Hoogezand.
be divided into those associated with the hardware, i.e., the ship
structure, machinery and equipment, and those associated with
operations and crew, i.e. crew training, communication, etc. (See
Fig. 3). Enforcement of regulations relating to the hardware should
be more readily attainable than enforcement of regulations relating
to operations and crew, because, although not completely
straightforward, it should be possible to inspect hardware and
determine whether it complies with regulations or not. When it
comes to operations and crew, however, the problem of ensuring
compliance with procedures is much more difficult, since these
may not fall within the scope of a definitive specification.
It is clear that, because the Classification Societies represent an
independent group of professionals providing a world-wide service
to the maritime industries, and operating in many cases on behalf
of governments, they are in a position to effect a uniform internatio­
nal implementation of those regulations for which they are made
responsible. This reduces the inevitable tendency for each admi­
nistration to have its own individual interpretation of regulations.
The Classification Societies tackle the problem of individual in­
terpretation of regulations by discussions with the administration
concerned, and in certain cases by working through the Internatio­
nal Association of Classification Societies where unified in­
terpretations are agreed. Thus, it seems eminently sensible tot
delegate matters relating to hardware to the Classification
Societies, since they are in a unique and practical position to apply
as uniform an implementation as is practically possible. Regula­
tions which are significantly operational in content may, in the
event of non-compliance, require the application of sanctions
which are beyond the legal scope of Classification Societies and
are, therefore, more appropriately implemented by National Admi­
nistrations. Even where a Classification Society acts on behalf of a
National Administration and advises an appropriate action in a
given set of circumstances, decisions on matters of policy remain
with that Administration.
It is worth noting at this point that, at the present time, LR acts on
behalf of 115 national authorities.
4. FUTURE APPROACH TO SAFETY
The foregoing has attempted to outline the scope of the safety
problems which face the shipping industry as a whole. It has
described the current manner in which regulatory bodies seek to
maintain and improve the standards of safety by international and
national legislation, and by classification requirements which re­
flect the active participation of the industry.
It is clear that the approach has produced significant improve­
ments in a number of areas. Ship losses have been reduced, and
oil discharged by ships has been greatly decreased. Many acci­
dents result from human factors and, no doubt, the coming into
force of the IMO Convention on Standards of T raining, Certification
and Watchkeeping, 1978, should make a contribution to reducing
the proportion of accidents caused by human error in ship opera­
tions.
The cost to the industry in implementing recent safety legislation
has been high, and the burden on legislative and administration
resources considerable.
As safety levels improve, it is becoming increasingly apparent that
future legislation and classification requirements will not only
continue to be judged on the basis of need, but also will take further
regard of cost and resources. It is also apparent that it is necessary
to gain experience in the operation of current requirements before
they are changed or amended.
Accidents, near misses and technical problems will always serve
to highlight safety deficiencies, but they do not necessarily display
remedies. A more rational approach to safety is required which
looks at the causes of the inter-related factors, and also assesses
the impact of innovation and change. The major steps to take will be
to:
(a) Assess current risk levels.
(b) Propose alternative protective measures.
(c) Evaluate economic impact of alternative protective measures.
(d) Determine reduction in risk ot alternative protective measures.
(e) Select appropriate protective measures.
The above is best treated in quantitative terms using probabilistic
techniques if possible,5 6. The aim is to answer several important
questions:
(I) How likely is it that the ship will operate in the way intended?
(II) If the ship does not operate as intended, what are the possible
consequences?
(III) Can the design (or Rules and Regulations) be improved?
When no similar ships have been built, such important questions
are very difficult to answer. Certain types of computer-based
simulations provide a method of using both relevant in-service
experience, and sensible estimates where no in-service experi­
ence exist, in order to make quantitative and qualitative assess­
ments of a ship’s reliability and safety. Such methods give a
valuable formal structure within which assumptions built into the
model can be tested. For example, the effect of varying such items
as environmental conditions, operational limitations, component
interaction and reliability can be explored.
Probably the most important thing to keep in mind is the fact that
safety is greatly dependent upon the efficient working of the staff
operating the ship. Management, crew and port staff are all in­
cluded. To achieve safety, consideration has to be given to the
combination of safe hardware and safe systems or procedures of
working.
In many instances, ship operators have already developed proce­
dures of working, and where this is the case it is important to prove
that any new procedure is necessary and will indeed be better and
likely to improve safety. Any suggestion that a changed procedure
may not lead to a necessary level of improved safety, or will
increase costs disproportionately to the improvement achieved,
must be considered seriously.
In trying to decide where to direct attention to Improve safety, it is
very difficult to decide whether it would be better to spend time and
money on improving hardware or improving working procedures. It
is often the case that a great deal of attention is paid to the
hardware, resulting in substantial extra costs, when it would have
been more effective to change working procedures.
Acknowledgements
The author would like to thank all those who have given their
assistance in preparing this paper. Mr. J. M. Ferguson’s, Mr. T, R.
Farrell’s and Dr, D. S. Aldwinckle’s contributions are particularly
appreciated.
References
1. Blake, G. Lloyd’s Register of Shipping 1760-1960, Lloyd's
Register Printing House, Crawley.
2. Montgomerie, J. 'Experiments on the compression of samples
of deck plating and the application of the results in relation to the
thickness of such plating in certain conditions of loading', Trans.
Japan Society of Naval Architects, 1934.
3. Burnett, R. F. 'Loading calculators', Shipbuilding and Marine
Engineering International, March, 1981,
4. Lloyd’s Register of Shipping, Rules and Regulations for the
Classification of Ships.
5. Hildrew, B. The role of risk analysis in engineering', Paper
presented to 'The Fellowship of Engineering’.
6. Aldwinckle, D. S. and Pomeroy, E. V. A rational asessment of
ship reliability and safety’, The Royal Institution of Naval
Architects, October 1982.
*
?
NEDERLANDSE VERENIGING VAN
TECHNICI OP SCHEEPVAARTGEBIED
(Netherlands Society of Marine Technologists)
Voorlopig programma van lezingen en evenementen voor het seizoen 1984/1985
HYDRODYNAMISCHE ASPECTEN VAN
HET SWATH ONTWERP“
door ir. A. Koops en ir. R. Dallinga van het
MARIN te Wageningen
wo. 24 okt. ’84 Amsterdam;
do. 15 nov. '84 Vlissingen.
EXCURSIE NAAR STORK
WERKSPOOR DIESEL AMSTERDAM
di. 30 okt. ’84
(Zie inlegvel S en W no. 20)
SHELL TANKERS PRODUKT
SCHEPEN*“
- Ontwerp uitgangspunten.
- Technische systemen en uitrusting
door: de heer M. A. Busker, Fleetmanager
en de heer L. P. A. de Winter, Technical
dept. Shell Tankers B.V, te Rotterdam
di. 20 nov. '84 Groningen;
wo. 21 nov. '84 Amsterdam;
do. 22 nov. 84 Rotterdam;
do. 18 apr. '85 Vlissingen.
HET VERKEERSBEGELEIDEND
SYSTEEM VOOR DE HAVEN VAN
ROTTERDAM
door ir. J. C. M. de Keijser van het Project­
bureau Walradar Waterweg te Rotterdam
di. 11 dec, 84 Groningen;
do. 13 dec. '84 Rotterdam
FILMAVOND
vr. 14 dec. '84 Amsterdam
NIEUWE ONTWIKKELINGEN IN
BRANDSTOFBEHANDELING EN ZEE­
WATER VERDAMPERS
door G. J. Bruinsma, Alfa Laval N.V., Am­
stelveen.
do. 13 dec. '84 Vlissingen;
di. 16 apr. '85 Groningen;
wo. 17 apr. '85 Amsterdam;
do. 18 apr. '85 Rotterdam,
NIEUWJAARSRECEPTIES
wo. 2 jan. '85 Groningen
do. 3 jan. '85 Rotterdam
vr. 4 jan. '85 Vlissingen
LATEST DEVELOPMENTS
IN COMBINED STABILIZER AND
ANTI-HEELING SYSTEMS*
by mr, Horst Halden, Director Intering,
Hamburg
di. 15 jan. '85 Groningen
do. 17 jan. '85 Rotterdam
DISCUSSIEAVOND
wo. 16 jan. '85 Amsterdam
RECENTE ONTWIKKELINGEN IN DE
SCHEEPSELEKTRONICA OP DE BRUG
EN IN DE MACHINEKAMER
door F. van Eeuwen, Manager Radio Hol­
land B.V., Rotterdam,
do. 17 jan. ’85 Vlissingen;
di. 12 feb, '85 Groningen;
wo. 13 feb. '85 Amsterdam (Alg. Afd.
Verg);
do. 14 feb. '85 Rotterdam (Afd. Verg).
DE INTRODUCTIE VAN PANTSERSCHEPEN IN NEDERLAND, GEZIEN IN
TECHNISCH EN HISTORISCH PERS­
PECTIEF**
door Dr. Ir. J. M. Dirkzwager, Min. van
Defensie Den Haag
wo. 27 mrt. '85 Amsterdam;
do. 28 mrt. '85 Rotterdam;
di. 14 mei '85 Groningen,
Verenigingsnieuws
AFDELING ROTTERDAM
De bijeenkomst en lezing van
20 september 1984
Deze lezing was de eerste van het seizoen
1984/85. De daaraan voorafgaande bij­
eenkomst was het allereerste evenement
in het kader van de aanvullende activiteiten
waartoe leden van de Afdeling Rotterdam
in het rondschrijven d.d. 24 augustus 1984
door het Afdelingsbestuur werden uitgeno­
digd.
De voorzitter van de Afdeling Rotterdam
ing. L. O. Jonker sprak ter gelegenheid van
deze première bij de aanvang van de maal­
tijd de hoop uit dat genoemde verbreding
van sociale activiteiten binnen het vereni­
gingsverband bij de leden zal aanslaan.
De Clubcommissie, die als gastheer fun­
geert, was vertegenwoordigd door de he­
ren L. van Reeven en C. Lindeman, Om een
indruk te geven van het verloop van deze
bijeenkomst eerst even wat cijfers. Het
aantal meldingen tot deelname aan de
maaltijd bedroeg 40 maar het werkelijke
aantal deelnemers was 49, waarvan één
couvert onaangeroerd is gebleven. De
gastheren hebben dit verschil opgevangen
door het ter plaatse bijbestellen van een
extra tafel met de benodigde couverts. Ais
men de Clubcommissie en de Secretaris
deze improvisatie voortaan wil besparen
dan kan dit op eenvoudige wijze bereikt
worden nl. door het zich consequent opge­
ven tot deelname aan de maaltijd zo moge­
lijk vooraf maar uiterlijk tot 12.00 uur op de
NB
Dit programma zat in de komende maan­
den worden aangevuld en eventueel ge­
wijzigd.
* Lezingen in samenwerking met de
Netherlands Branch van het Institute of
Marine Engineers.
“ Lezingen in samenwerking met de
Sectie Scheepstechniek van het Klvl en
het Scheepsbouwkundig Gezelschap
William Froude’.
1. De lezingen in Groningen worden ge­
houden in Café-Restaurant ’Boschhuis’, Hereweg 95, Groningen, aan­
vang 20.00 uur.
2. De lezingen in Amsterdam worden
gehouden tn het Instituut voor Hoger
Technisch en Nautisch Onderwijs,
Schipluidenlaan, 20, Amsterdam,
aanvang 17.30 uur.
3. De lezingen in Rotterdam worden ge­
houden in de Clauszaal van het
Groothandelsgebouw,
Stations­
plein 45, aanvang 20.00 uur.
4. De lezingen in Vtissingen worden ge­
houden in het Maritiem Hotel Britan­
nia, Boulevard Evertsen 244, aan­
vang 19.30 uur.
dag van de bijeenkomst. In afwachting van
de mening die kennelijk post heeft gevat
geldt dit verzoek tot aanmelding in geval
van een gecombineerde lezing voor alle
leden, dus eveneens voor die leden van de
NVTS die tevens lid zijn van the Netheriands Branch of the Institute of Marine Engineers, zo ook voor de leden van het K.I.V.I.
en het Genootschap Wilfiam Froude.
De bar was open om 18.00 uur, de maatijd
begon om 18.45 uur en werd beëindigd om
19.45 uur. Het gebodene staat nog open
voor enkele kleine correcties die de Club­
commissie in overleg met de restaurateur
zal regelen. Voor wat betreft het slagen van
deze eerste bijeenkomst wil dit verslag zich
beperken tot enkele nuchtere waarnemin­
gen. De discussie aan de bar zowel ais aan
tafei was levendig, de gsprekspartners
vonden elkaar opmerkelijk snel. In vele
gevallen moeten hierbij de wederzijdse za­
kelijke belangen betrokken zijn geweest,
getuige het veelvuldig geziene uitwisselen
van visitekaartjes. Het zoeken van een
plaats aan de 5 ter beschikking staande
tafels en het mengen van jong en oud regel­
de zich vanzelf. Hierdoor werd aan nage­
noeg alle doelstellingen voor deze activiteit
voldaan en rest er alleen nog de wens tot
een grotere deelname,
De reeds tijdens de bijeenkomst gehoorde
gunstige reacties zouden zich daartoe het
beste kunnen richten tot de collega's en
relaties die nog niet aanwezig waren, dus
zegt het voort.
De lezing van de avond met een opkomst
van 87 toehoorders werd om 20.00 uur
tngeleid door de voorzitter van de Afdeling
B.V Koninklijke Maatschappij
”de Schelde”
Scheepswerf en machinefabriek
Vlissingen.
” De Schelde” in Vlissingen heeft
ongeveer 3000 personeelsleden in dienst.
Het bedrijf bouwt en repareert zee­
schepen, produceert grote stoomketelinstallaties, bouwt scheepsdieselmotoren
en tandwieloverbrengingen voor
scheepsvoortstuwingsinstallaties,
aluminium konstrukties en apparaten
voor de nucleaire, chemische en petro­
chemische industrie.
Bij onze reparatiewerf Scheldepoort
bestaat een vacature voor een
HTS-er scheepsbouw (m/v)
Werkzaamheden bestaan uit het:
- samenstellen van begrotingen en
schattingen van reparatie-opdrachten,
verbouwingen e.d. aan schepen of
machine-installaties
- daarvoor verzamelen en beoordelen
van gegevens in binnen- en buitenland
door middel van besprekingen met po­
tentiële opdrachtgevers
- in samenwerking met onze afdeling in­
koop, zowel intern als extern bespreken
van de gegevens om tot een juiste cal­
culatie te komen inclusief levertijden
- opstellen van projectspecificaties in di­
verse talen met daaraan gekoppeld een
concept basiscontract
- verstrekken van opdrachten op basis
van offertes en informatie e.d. voor het
maken van werklijsten en planningen.
Wat wij verwachten:
- een opleiding op hts-niveau en ruime
ervaring in geschetste werkzaamheden
- commerciële belangstelling
- goede kontaktuele vaardigheden, zo­
wel mondeling als schriftelijk
- voldoende (technische) kennis in de
Engelse en Duitse taal.
U dient onze onderneming ook bui­
ten de normale werkperiode te vertegen­
woordigen en onderhoudt persoonlijk
kontakt met de vertegenwoordigers van
(potentiële) opdrachtgevers.
Een psychologisch onderzoek kan
deel uitmaken van de selectieprocedure.
Schriftelijke sollicitaties te richten aan
de afdeling Personeelszaken van de
B.V. Kon. Mij. ”de Schelde”,
Postbus 16, 4380 AA Vlissingen.
Te koop
ZIJLADER
Merk Lancer - in prima staat.
Hefvermogen 5500 kg - Hefhoogte 3,40 m.
Ford diesel - automaat.
Met 6 maanden volledige garantie.
Zeer lage prijs.
L. VAN DEN HEUVEL B.V.
Burg. de Bruïnelaan 134a. Zwijndrecht
Tel. 078-12 48 61 en 12 32 93
Als bouwers van kleine gespecialiseerde bedrijfsvaartuigen
tot circa 25 meter lengte zoeken wij op korte termijn voor
versterking van ons kleine team een
HTS-ER SCHEEPSBOUW
als Technisch/Commercieel stafmedewerker
Vereisten:
- leeftijd circa 35 jaar.
- bekendheid met de bouw van kleine bedrijfsvaartuigen
- waaronder visserijschepen
- goede algemene vorming en goede kennis van de En­
gelse en eventuele Franse taal
- funktionaris zal tezijner tijd tenminste binnen een straal
van circa 25 km vanaf het bedrijf woonachtig moeten zijn.
De funktie omvat in hoofdzaak het intensiveren van de verkoop-aktiviteiten waarbij tevens behoort het maken van kalkulaties en bestekken.
Salariëring overeenkomstig funktie.
Alleen diegene welke aan de gestelde funktie-eisen voldoen
gelieve een met de hand geschreven sollicitatie te richten
aan:
ENGELAER
SCHEEPSBOUW B.V.
Waterstraat 17, 6658 AA Beneden-Leeuwen
Telefoon: 08879-1675
WEST VLAAMSE
SCHEEPSWERVEN IN
OOSTKAMP
Kleine scheepswerf in omgeving van
Brugge (België), welke zich bezig houdt
met het ontwerpen en bouwen en repare­
ren van diverse kleinere scheepstypen
zoals: binnenschepen, kustvaartuigen,
vissersschepen, sleepboten enz. zoekt
een:
H.T.S.-ingenieur, scheepsbouw
De kandidaat dient liefst enige tekenka­
mer ervaring te bezitten, bij voorkeur op
het gebied van de visserij. Naast ontwerp
berekeningen en -tekeningen, moet hij
ook in staat zijn andere scheepsbouw­
kundige berekeningen en werktekenin­
gen te maken. Het is wenselijk dat de
kandidaat in West Vlaanderen of Zeeuws
Vlaanderen wil wonen. Geboden wordt
een geheel zelfstandige positie. Eventu­
eel is een woning beschikbaar.
Belangstellenden worden verzocht hun schriftelijke sollici­
tatie met uitvoerige inlichtingen en referenties te richten
aan: Ing. J. v.d. Touw, de la Marplein 40, 3123 AB
SCHIEDAM
PROVINCIE H H ZEELAND
provinciale stoombootdiensten
Bij de Provinciale Stoombootdiensten in Zeeland te Vlissingen kan
wegens de komende pensionering van de huidige functionaris wor­
den geplaatst een
inspecteu r/hoofd
technische dienst m/v
Functle-lnformatie
Als technisch manager dient hij/zij zorg te dragen voor goede motiva­
tie en werksfeer in de technische dienst, die circa 100 medewerkers
omvat. Door o m. het bewerkstelligen van consequente storingsanalyses en werkregeling zal de functionaris in een goede samenwerking
met de werktuigkundigen het accent moeten leggen op het preventief
onderhoud.
Daarnaast draagt hij/zij zorg voor:
- het in technisch vaarklare toestand houden van de veerschepen
- het organiseren, beoordelen, adviseren ten aanzien van ingrijpen­
de reparaties, vernieuwingen, verbeteringen en het begroten van
de hieraan verbonden kosten
- de begeleiding van de technische inkoop.
Voor deze functie worden vereist:
- opleiding op HTS of TH-niveau
- ervaring in een soortgelijke functie, bij voorkeur binnen een middel­
groot nautisch bedrijf (in aanmerking kunnen ook komen kandida­
ten met een brede managementervaring binnen de Technische
Dienst van bijvoorbeeld energiecentrales)
- goede managementcapaciteiten (waaronder een goed kosten- en
doelmatigheidsbewustzijn)
- goede sociale en communicatieve vaardigheden
- rijbewijs BE
- leeftijd ca. 30 a 40 jaar
- salariëring voorlopig (afhankelijk van leeftijd en ervaring) maxi­
mum ƒ 6.364,- per maand.
Een psychologisch onderzoek kan deel uitmaken van de selectiepro­
cedure,
Een afvaardiging van het personeel zal bij de selectie betrokken
worden.
In het kader van het geven van gelijke kansen aan vrouwen en
mannen bij de Provincie Zeeland worden vrouwen uitdrukkelijk uitge­
nodigd te solliciteren.
Verdere informatie wordt verstrekt door de heer J. Keersemaker telefoon 01184-60900 (toestel 34).
Schriftelijke sollicitaties binnen 14 dagen na het verschijnen van dit
blad te richten aan de directeur van de Provinciale Stoombootdien­
sten in Zeeland, Prins Hendrikweg 10, 4382 NS VLISSINGEN.
prins hendrikweg 10, 4382 ns vlissingen, tel. 01184-60900
Rotterdam ing. L. O. Jonker, waarbij als
eerste punt op de agenda de ons in de
af9ölopen periode ontvallen leden zijn herdacht, te weten de heren N. de Zeeuw, J. C.
de Valois, P. J. Coeterier, J. Verheek, C. de
N'js, H. P. J, Nellen en Prof. ir. J. J. Broeze
aan welke laatste reeds een in memoriam
werd gewijd in Schip en Werf nr. 15. Vervol­
gens nodigde de voorzitter de spreker van
die avond, de heer J. Ahlqvist, uit om zijn
voordracht te houden over het onderwerp
'The Benefits for the engine manufacturer
and the engine userby applying Computer
Aided Design for diesel engine design'verduidelijkt door projectie van dia’s en trans­
paranten op afzonderlijke schermen.
De spreker gaf eerst een verklaring van het
beleid van zijn bedrijf ’Wartsila Vasa’ waar­
uit bleek dat het gebruik van een computer
hierin buitengewoon goed paste. Wat be­
treft de argumentatie der voordelen van
computerhulp tekenden zich twee afzon­
derlijke gebieden af.
Als eerste betrof dit het opzetten van sche­
ma’s en tekeningen op het beeldscherm
met behulp van standaardelementen, het
corrigeren en bijwerken van dit soort docu­
mentatie en het uitbeelen van moeilijke
pijpvormen in elke gewenste projectie. Het
ging hierbij om tijdwinst, betere kwaliteit en
minder kans op menselijk falen. Het twee­
de gebied betreft de updating en uprating
van het ontwerp en vele constructieve de­
tails. Als voordelen bij de laatstgenoemde
categorie noemde de spreker het reduce­
ren van de tijd benodigd voor het ontwikke­
len van nieuwe onderdelen, waardoor weer
een kostenbesparing, maar ook een groter
aanbod van alternatieven waaruit de beste
oplossing geselecteerd kan worden.
De spreker zelf zag nog meer profijt in de
secundaire werking van deze voordelen.
Het ontwerpen vereist geen zware inspan­
ning meer, er is eerder sprake van een
ontspannen bezig zijn. Een ontwerp dat in
een ontspannen sfeer tot stand komt leidt
volgens de spreker tot een 'creative mental
momentum’, in ons idioom: bevorderend
voor de scheppingsdrang.
Verder blijkt het dan nog mogelijk om be­
paalde produkten rechtstreeks vanaf de
tekening om te zetten in een kant en klaar
programma voor numeriek bestuurde bewerkingsmachines waardoor zelfs het ele­
ment werkvoorbereiding van de produktie
door de computer wordt overgenomen.
De voordracht van de heer Ahlqvist heeft in
ieder geval duidelijk gemaakt dat in bedrij­
ven die over het geld beschikken en het
voor dit doel wensen te besteden een aan­
tal historisch gegroeide teken- en ontwerp­
tak®n door de computer, met alle voordelen
van dien, kunnen worden overgenomen.
I_ast but not least noemde de spreker dan
nog terloops de spoedige introductie van
e0n type computer met beperkte kunstma­
tige intelligentie die in staat zal zijn om
ze|fstandig te beslissen over optimale vorm
er1 rationele produktie van bepaalde onder­
delen. Men kan zich afvragen wat de vol­
gende stap in deze ontwikkeling zal zijn. Op
een afstand bekeken ziet het er naar uit dat
waar de handvaardigheid van de vakman is
overgenomen door machines (weet U nog,
de mechanisatie der weefgetouwen in
Schotland, om maar te zwijgen over de
hedendaagse robotfabrieken) een flink
deel van de menselijke know how in de
toekomst zal verhuizen naar de elektro­
nica.
Na de pauze werd rond 21.25 een aanvang
gemaakt met de discussie. Deze werd ge­
leid door de heer P. van Staalduinen, voor­
zitter van de Netherlands Branch van het
I.M.E. en er werd aan deelgenomen door
de heren Timmermans, Akerboom, Van
Staalduinen, Bos, Heyveld, Lankreyer,
Manol, Langer e.a. Ook tijdens de beant­
woording der vragen deden de spreker en
de hem assisterende heer Blomberg nog
vele interessante mededelingen ten aan­
zien van kosten, type, gebruik, bediening
en bezetting van de thans in bedrijf zijnde
computerinstallatie in hun bedrijf. De heer
Van Staalduinen sloot de bijeenkomst rond
22.00 met een hartelijk woord van dank aan
de sprekers van die avond.
j c
Ballotage
Gepasseerd voor het GEWOON
LIDMAATSCHAP
R. BOERMA
Afdeling: Groningen
ING. J. K. VAN DIJK
Afdeling: Rotterdam
B. Th. EELTINK
Afdeling: Amsterdam
J. C. HUIJTING
Afdeling: Rotterdam
F. R. VAN DER PLUYM
Afdeling: Groningen
T. B. POLAK
Afdeling: Groningen
H. J. RUITENBERG
Afdeling: Groningen
R. W. P SEIGNETTE
Afdeling: Rotterdam
M. SIJPHEER
Afdeling: Zeeland
ING. G. J. H. VERLEG
Afdeling: Amsterdam
B. M. WALRAVEN
Afdeling: Zeeland
Gepasseerd als BELANGSTELLEND LID
A. K. BOERMA
Afdeling: Groningen
Gepasseerd voor het JUNIOR
LIDMAATSCHAP
F. A. VAN TEUNENBROEK
Afdeling: Amsterdam
Nieuwe Donateur
Als begunstiger is toegetreden tot de ver­
eniging Valmet Automation bv, een doch­
teronderneming van Valmet Oy Helsinki
(Finland). Valmet Automation bv is geves­
tigd aan de J. Postlaan 6,3705 LN Zeist, tel.
03404 - 56500. Directeur is de heer G. J. T.
Rijgwart; sales engineer is de heer J. Ver­
meulen. Valmet Automation bv is de ver­
koopmaatschappij voor de Benelux van het
Valmet instrumentatieprogramma o.a. be­
staande uit meet- en regelinstrumenten en
complete automatiseringssystemen, wel­
ke veelvuldig worden toegepast in de
scheepsbouwindustrie.
Personalia
J. C. Melcherts
Op 1 oktober 1984 heeft de heer J, C.
Melcherts zijn actieve loopbaan als Direc­
teur bij Wilton Fijenoord te Schiedam
beëindigd. Op een druk bezochte receptie
op 28 september nam hij afscheid van vele
relaties en bekenden.
Prof. Ir. J. J. W. Nibbering
Op 28 september 1984 werd tijdens het
jubileum Symposium ter gelegenheid van
het 50-jarig bestaan van h9t Nederlands
Instituut voor Lastechniek (N.I.L) door de
voorzitter van het N.I.L., de Erepenning
uitgereikt aan Prof. ir. J. J. W, Nibbering.
Prof. Nibbering is als gewoon hoogleraar
verbonden aan de Technische Hoge­
school te Delft, waar hij in eerste instantie
verantwoordelijk is voor het onderwijs en
onderzoek in de vakgroep Constructieve
Vormgeving, Trillingen en Draagkracht en
in het Laboratorium voor Scheepsconstructies. Daarnaast is hij als buitenge­
woon hoogleraar in de Maritieme Techno­
logie verbonden aan de Rijksuniversiteit te
Gent.
De Erepenning kan worden uitgereikt aan
hen die gedurende een periode van ten­
minste 15 jaar ten dienste van het alge­
meen belang en in het openbaar op bijzon­
dere wijze hebben bijgedragen aan de ver­
breding van de kennis van de lastechnologie, de kennisoverdracht en de toepassing
in de praktijk.
De toekenning van de Erepenning aan
Prof. Nibbering was gebaseerd op de over­
wegingen, dat hij zich in al zijn werk gericht
heeft op de veiligheid en betrouwbaarheid
van de gelaste stalen dunwandige zee­
gaande constructie. Hij stelde daarbij vast
dat de lasverbinding van doorslaggevend
belang kan zijn voor het gedrag en de sterk­
te van deze constructies. Dit belang ten
volle onderkennend heeft hij consequent in
al zijn onderwijs en onderzoek de lastech-
nologie en de invloed van de las op de
sterkte en betrouwbaarheid van de con­
structie steeds de noodzakelijke aandacht
geschonken. Door de ontwerper-constructeur te wijzen op de mogelijkheden van de
lastechniek en de lasdeskundige te infor­
meren omtrent de feitelijke kernpunten in
het constructieve ontwerp heeft hij steeds
getracht een intermediair te zijn tussen de
verschillende disciplines. Zowel binnen het
N.I.L. alsook in internationaal verband bin­
nen het International Institute of Welding
(I.I.W.) is hij in verschillende commissies
zeer actief geweest.
Brown Boveri Nederland
De leiding van het Brown Boveri Concern
heeft de heer N. B. Hellinga per 1 oktober
j.l. benoemd tot directielid van de concerngroep Brown Boveri International. In deze
functie krijgt de heer Hellinga de verant­
woordelijkheid over alle onder Brown Bo-
veri International ressorterende Europese
vestigingen. Sedert 1973 is de heer Hellin­
ga hoofddirecteur van Brown Boveri Ne­
derland B.V. te Rotterdam.
Tot zijn opvolger werd benoemd de heer H.
Kok sinds t januari 1982 directeur van
Brown Boveri Nederland B.V. De heer Kok
heeft per 1 oktober als hoofddirecteur de
algehele leiding van Brown Boveri Neder­
land B.V. op zich genomen.
NIEUWSBERICHTEN
Nieuwe Opdrachten
Van der Giessen-De Noord
Onlangs ontving de scheepswerf Van der
Giessen-De Noord te Krimpen a/d IJssel de
definitieve opdracht voor het bouwen van
een veerboot voor de Stoomvaart Mij. Zee­
land te Hoek van Holland.
Het schip krijgt een lengte van 161 meter,
een breedte van 27.60 meter en een diep­
gang van 6.20 meter; tonnage 30.000 BRT.
Voorde voortstuwing wordt het schip uitge­
rust met 4 dieselmotoren fabrikaat MAN
type 8L40/45, goed voor een snelheid van
21 knopen.
Het schip heeft een capaciteit van 2100
passagiers en beschikt daarvoor over 1332
bedden in 557 hutten, voorts zijn er 120
couchettes en 400 vliegtuigstoelen. Het
schip kan 500 personenauto’s vervoeren of
80 vrachtwagencombinaties en 220 perso­
nenauto’s.
Met de opdracht is een bedrag van ƒ 175
miljoen gemoeid, het schip zal in april 1986
worden opgeleverd.
Tewaterlatingen
Samsun Express
Op 28 september 1984 werd bij de Yssel
Vliet Combinatie B.V. te Ridderkerk het
m.s. ’Samsun Express’ met goed gevolg te
water gelaten,
De 'Samsun Express’ is het eerste echte
containerschip voor de Nederlandse Klei­
ne Handelsvaart. Dit schip heeft binnen de
voorwaarden, welke verbonden zijn aan de
4000 GT grens, de uitzonderlijk grote container-capaciteit van 400 TEU's.
Dit schip, het eerste van een serie van 4
identieke schepen, is het resultaat van de
gezamenlijke inspanning van de YsselVliet Combinatie en Barkmeijer-Stroobos
(lid van de Conoship Combinatie), welke in
nauwe samenwerking met de rederij Holtrade dit unieke schip ontwikkelden. De
werven hebben hier gekozen voor de con­
structie om met gebundelde krachten en
kennis een front te vormen tegen de buiten­
landse concurrentie en niet zonder succes,
zodat deze 4 schepen voor de Nederland­
se scheepsbouw behouden bleven,
Naast het feit, dat dit schip een uitzonderlijk
groot aantal containers kan vervoeren, zijn
er nog enige andere belangrijke kenmer­
ken. Het schip is nameiijk uitgerust met 2
stuks 60 tons kranen, welke in tandem
stukken van 120 ton kunnen behandelen.
Daarnaast is in de gehele energie-huishouding uiterste zorg besteed aan het toepas­
sen van energiebesparende componenten
en installaties, hetgeen resulteert in een
zeer laag brandstofverbruik.
Technische gegevens
Lengte over alles 106,60 m, lengte loodlij­
nen 99,60 m, breedte 17,90 m, holte hoofd­
dek 8,50 m, holte tussendek 4,65 m, diep­
gang 6,60 m, draagvermogen 6000 t.,
ruiminhoud 295.000 cub. ft.,
container-capaciteit - ruim 142 TEU
container-capaciteit - dek 258 TEU
container capaciteit - totaal 400 TEU
Motorvermogen 4000 PK - 570 o.p.m.,
schroefvermogen 3000 PK - 150 o.p.m.,
snelheid 15 kn, GT 3999 GT, klasse L.R.
100 A1 - ICE 1C - UMS.
De 'Samsun Express' zal eind november
worden opgeteverd aan Holtrade Shipping
B.V. (Holwerda Heerenveen).
Proeftochten
Smit Portugal
Op 19 september 1984 heeft met goed
gevolg proefgevaren de motorsleepboot
'SMIT PORTUGAL', bouwnummer 620
van Scheepswerf Bijlholt B.V. te Foxhol,
bestemd voor Smit-Vos Havensleepdienst
te Rotterdam.
Hoofdafmetingen: lengte 22,00 m, breedte
7,80 m en holte 3,70 m.
In dit schip zijn geïnstalleerd twee Stork
Werkspoor Diesel hoofdmotoren type
6FHD 240 met een vermogen van elk 1000
pk bij 790 omw/min en twee Volvo hulpmotoren type D-45-B met een vermogen van
elk 57 pk bij 1500 omw/min.
De sleepboot werd gebouwd onder toe­
zicht van Bureau Veritas voor de klasse: I
3/3 E4- Tug Deep sea • MOT.
Diversen
Britse vloot
Er is gedurende 1983 voor 4,233 miljoen
ton draagvermogen aan zeeschepen door
verkoop afgevoerd van de Britse koopvaar­
dijvloot die ook in dat land is geregistreerd.
Naar de sloop ging vorig jaar 1,777 miljoen
ton draagvermogen.
Daar stonden tegenover voor 630.000 dwt
aan nieuw in de vaart gebrachte schepen,
voor 1,363 mln dwt aan tweedehands ge­
kochte tonnage en voor 125.000 dwt aan
geplaatste nieuwbouworders aldus een
tussenstand van de Britse redersvereniging GCBS.
De totale omvang van de koopvaardijvloot
van Britse eigenaren en geregistreerd in
eigen land omvatte per december 1983
nog 769 schepen met 20 miljoen ton draag­
vermogen, tegenover 1614 schepen met
50 mln dwt in 1975.
DS 20-9- 84
Verolme werf in Ierland dicht
De Verolme Werf in het Ierse Cork gaat
eind november dicht. Er komen 480 men­
sen op straat te staan. De beslissing de
werf te sluiten is genomen nadat de Ierse
regering weigerde een subsidie van veertig
miljoen pond te verstrekken. De werf had
het geld nodig om een order te kunnen
verwerven voor de bouw van een olieplat­
form waarmee de onderneming twee jaar
vooruit zou kunnen. De werf is gemeen­
schappelijk eigendom van het Nederland­
se Verolmebedrijf en de Ierse staat die de
verliezen afdekt. De werf heeft in de afgelo­
pen tien jaar uitsluitend marine-opdrachten
van de Ierse regering gekregen. Er is niet
een civiel contract binnengehaald. Het per­
soneelsbestand is in die periode teruggelo­
pen van 1400 tot 480 mensen.
ED 1-10-84
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
^
Labels for transportation
Dangerous Goods
10 x 10 cm
27 x 27 cm containers
30 x 30 cm tankdorries
Printers W y t & Zonen B.V. - Pieter de Hoochw eg 111 - 3024 BG R otterdam
Telephone 010 - 76 25 66 - Telex 21403 — Postbox 268 —3000 AG R otterdam
• afstandsbediening en automatisering van:
motoren - koppelingen - lieren - schroevenkleppen - pompen - deuren - laadbomen masten - stuurhuizen
• vloeistof-niveau-signaleringen
• besturingskasten en -lessenaars
• installatie en service
■ IH i = i
■ m i— i
■■■ □ n a
Machinefabriek SEMPRESS B.V.
Postbus 60, 3340 AB H l.Am bacht
Tel.: 01858 - 4011
Telex: 29316
„Laatst las ik nog een bestek,
waarbij in de makerslist ’AEGTELEFUNKEN or equivalent*
ontbrak”
„Dan was dat zeker nog op een
perkamentrol geschreven...”
Inmiddels is het in
scheepvaartkringen een
goede gewoonte geworden
bijtijds kontakt op te nemen
metAEG-TELEFUNKEN.
De Afdeling Scheepsbouw
is wereldwijd toon­
aangevend op het gebied
van:
• Systeem engineering
• Energie
• Automatisering
• Communicatie
• Data-processing
• Meettechnieken
• Kabeldoorvoeringen met A60 - eert.
• Technische services
• Turn-key-projecten
• Diversen
AEG
AEG-TELEFUNKEN Nederland N.V. Marine Service, Rijnhaven N.Z. 45. Postbus 5115.3008 AC ROTTERDAM. Tel.: 010-855644 / 206611 (buiten kantoortijd) - Telex 28822
Download